Organisatie van het schooljaar deeltijds kunstonderwijs

  • referentie
    DKO/2018/05
  • publicatiedatum
    1/10/2018
  • datum laatste wijziging
    01/10/2018
  • wettelijke basis
    Decreet van 9 maart 2018 betreffende het deeltijds kunstonderwijs
  • wettelijke basis
    Het besluit van de Vlaamse Regering van 4 mei 2018 betreffende het opleidingsaanbod, de organisatie, de personeelsformatie, de inning van het inschrijvingsgeld en de certificering van het deeltijds kunstonderwijs (organisatiebesluit)
  • contact
    infolijnonderwijs@vlaanderen.be
  • contactpersoon
    Johan Krygelmans, 02 553 89 74
  • contactpersoon
    Ingrid Leys, 02 553 92 43
  • contactpersoon
    Jos Thys, 02 553 92 27
  • Besteding van het lestijdenpakket
  • Extramurosactiviteiten
  • Facultatieve vakantiedagen
  • Jaarplanning
  • Leeractiviteiten op maat
  • Lessenroosters
  • Lesverplaatsingen
  • Opsplitsen van wekelijkse lestijden
  • Pedagogische studiedag
  • Samenvoegen van wekelijkse lestijden
  • Schooljaar
  • Uurroosters
  • Vakantieperiodes

1. Schooljaar en vakantieperiodes

1.1. Duur van het schooljaar en openingstijden van de academie

Het schooljaar start op 1 september en eindigt op 31 augustus. Na die datum kan de academie geen leeractiviteiten meer organiseren die betrekking hebben op het voorbije schooljaar. Een academie die daarvoor kiest kan uitgestelde of herkansingsproeven organiseren voor 31 augustus.

De academie is 40 weken per jaar administratief geopend. Het schoolbestuur bepaalt op welke weken en dagen de academie geopend is en legt die openingstijden voor aan de vakbonden op het lokaal comité.

1.2. Organisatie van de leeractiviteiten

Leeractiviteiten zijn alle activiteiten die de academie organiseert waarin het leren door interactie tussen de leerlingen en leerkracht centraal staat. Activiteiten die leerlingen daarenboven als zelfstudie in het kader van hun opleiding vervullen zoals bijvoorbeeld een eindwerk schrijven, oefenen op het muziekinstrument, informatie opzoeken, horen daar niet bij.

Evaluatie-activiteiten, toonmomenten, proclamaties en extra-murosactiviteiten onder begeleiding van een leerkracht behoren ook tot het leerproces en zijn dus ook leeractiviteiten. Alle leeractiviteiten worden bij het begin van het schooljaar ingepland.

De leeractiviteiten kunnen op elke dag van de week plaats vinden. Er zijn ook geen tijdstippen waartussen de leeractiviteiten moeten plaats vinden. Het spreekt voor zich dat de academie rekening houdt met de leeftijd en de verplaatsingsmogelijkheden van de leerlingen. Voor leerplichtige leerlingen mogen de leeractiviteiten niet overlappen met de leeractiviteiten van het leerplichtonderwijs. De academie kan wel leeractiviteiten organiseren tijdens de middagpauze.

De eenheidsmaat voor het organiseren van leeractiviteiten is de wekelijkse lestijd. Een lestijd duurt 50 minuten in het domein beeldende en audiovisuele kunsten en 60 minuten in de domeinen dans, muziek en woordkunst-drama. Het is een wekelijkse lestijd, wat betekent dat de leeractiviteit iedere week van het schooljaar plaatsvindt, behalve tijdens de vakantieperiodes, de vakantiedagen en andere dagen waarop de lessen geschorst mogen worden. De academie kan afwijken van dat wekelijkse ritme door lestijden samen te voegen tot grotere lesblokken. Het opsplitsen van lestijden is ook mogelijk (zie 3.2.2.).

1.3. Vakantie, pedagogische studiedag en andere mogelijkheden tot schorsing van de leeractiviteiten

Net als in het leerplichtonderwijs hebben de leerlingen herfstvakantie, kerstvakantie, krokusvakantie, paasvakantie en zomervakantie. Bovendien is er vakantie op:

  • 1 november;
  • 11 november;
  • 25 december;
  • Pasen;
  • Paasmaandag;
  • 1 mei;
  • Hemelvaartsdag;
  • Pinksteren;
  • Pinkstermaandag.

Voor het niveaudecreet konden academies een eigen vakantieregeling hanteren. Die afwijking is niet langer mogelijk.

De jaarlijkse vakantieperioden en de vakantiedagen op wettelijke feestdagen zijn terug te vinden op https://onderwijs.vlaanderen.be/nl/schoolvakanties.

Daarenboven kan het schoolbestuur twee facultatieve vakantiedagen vastleggen voor de academie. Die dagen mogen niet opgesplitst worden in halve dagen. Het schoolbestuur legt de planning van de facultatieve vakantiedagen voor aan de vakbonden in het lokaal comité

Twee dagen per schooljaar kan de academie een pedagogische studiedag organiseren voor de leerkrachten. Die dagen mogen niet opgesplitst worden in halve dagen. De leerlingen hebben op die dagen geen les.

Als lokalen van de academie gebruikt worden voor parlementaire, provinciale of gemeentelijke verkiezingen, kunnen de leeractiviteiten geschorst worden op die dag zelf, de dag ervoor en de dag erna.

In het deeltijds kunstonderwijs zijn er geen ‘brugdagen’ tussen een vakantiedag en een vakantieperiode. De regelgeving voorziet evenmin een mogelijkheid om bijkomende vakantiedagen toe te kennen of om de geplande leeractiviteiten vroeger te beëindigen. De minister kan dus geen afwijking toestaan. Academies die op de dag na Hemelvaartsdag of op 24 december de leeractiviteiten willen schorsen, moeten een facultatieve vakantiedag inplannen.

2. Verdeling van de vakken en lestijden over de leerjaren

2.1. Voor elke opleiding een lessenrooster

Het document ‘Lessenrooster voor een opleiding’ (bijlage 1) geeft een overzicht van de vakken van de opleiding en de lestijden die aan elk vak besteed worden in de verschillende leerjaren. Het document vervangt de vroegere ‘lessentabel’.

Voor iedere opleiding die ze organiseert, beschikt de academie over een lessenrooster. Een opleiding komt overeen met een optie in een graad van een domein of in een kortlopende studierichting. In het domein muziek worden opties op hun beurt nog eens ingevuld met verschillende muziekinstrumenten. Als de verdeling van vakken en lestijden voor verschillende muziekinstrumenten dezelfde is, volstaat daarvoor één lessenrooster.

Als een academie verschillende trajecten organiseert voor een opleiding, bijvoorbeeld een vijf- en een tienjarig traject in de 4e graad beeldende en audiovisuele kunsten, zijn er altijd verschillende lessenroosters nodig.

U hoeft het lessenrooster niet op te sturen. De meest actuele versie houdt u in de academie ter beschikking van de verificatie en onderwijsinspectie.

Aan de hand van het lessenrooster controleert de verificateur of de leerlingen regelmatig zijn en dus in aanmerking komen voor financiering. Leerlingen moeten alle vakken van het lessenrooster volgen, tenzij ze een vrijstelling hebben.

2.2. Een lessenrooster samenstellen

Een lessenrooster weerspiegelt de pedagogische afwegingen die een academie maakt met het oog op het bereiken van de basiscompetenties of de competenties van een beroepskwalificatie.

De nieuwe regelgeving voor het dko laat academies meer vrijheid om het onderwijs vorm te geven. Binnen de contouren van het organisatiebesluit kan de academie zelf het lessenrooster van een opleiding bepalen. Op haar beurt kan de academie aan de leerlingen een aantal mogelijke alternatieven bieden (zie 2.3.). De leerling kan enkel kiezen uit de lessenroosters die de academie aanbiedt, hij kan niet a la carte zijn lessenrooster samenstellen.

Het lessenrooster bevat altijd de vakken die het organisatiebesluit verplicht oplegt. Daarnaast bevat het nog andere vakken die de academie kiest uit lijst van mogelijke vakken voor die opleiding (verplichte keuzevakken).

De academie bepaalt autonoom in welk leerjaar welk vak voorkomt. Ze kan kiezen om in elk leerjaar dezelfde vakken op te nemen, maar evengoed kan een vak maar in één leerjaar voorkomen.

Voor heel wat opleidingen bepaalt het organisatiebesluit hoeveel lestijden er naar de verplichte vakken moeten gaan en hoeveel naar de keuzevakken. Als er geen verplicht aantal lestijden wordt bepaald, is de academie vrij om één of meer lestijden aan dat vak te besteden. De som van de lestijden van alle vakken over de verschillende leerjaren komt overeen met de minimale studieomvang, die per domein en per graad in het niveaudecreet dko is vastgelegd.

Vakken die de academie optioneel aanbiedt bovenop de minimale studieomvang, zijn facultatieve vakken. Die vakken zijn niet verplicht voor alle leerlingen van de opleiding. U hoeft ze niet te vermelden op het document lessenrooster voor een opleiding.

Een overzicht van de minimale studieomvang, de vakken die in een lessenrooster van een opleiding moeten of kunnen voorkomen en de lestijden die u eraan moet besteden, is te vinden via opleidingenstructuur deeltijds kunstonderwijs.

2.3. Keuzemogelijkheden voor de leerling

Met alternatieve lessenroosters kan de academie inhoudelijke accentverschillen leggen en leerlingen keuzemogelijkheden aanbieden. Alle leerlingen krijgen dezelfde keuzemogelijkheden.

Per keuzemogelijkheid maakt de academie een verschillend lessenrooster op.

Voorbeeld: in de 3e graad muziek, optie klassiek laat een academie de leerlingen kiezen tussen de vakken compositie en improvisatie.

Lessenr ooster A: instrument: klassiek, groepsmusiceren: klassiek, compositie

Lessenrooster B: instrument: klassiek, groepsmusiceren: klassiek, improvisatie

Een academie kan geen aanpassingen aan het lessenrooster op individueel verzoek van de leerling doorvoeren.

3. Planning van de leeractiviteiten van een vak doorheen het schooljaar

3.1. Welke leerkracht waar en wanneer lesgeeft

3.1.1. Elementen van het uurrooster

Het document uurrooster (bijlage 2) beschrijft voor elke leerkracht:

  • wanneer (dag/uur) en waar (vestigingsplaats) zij/hij welk vak geeft,
  • de lestijden die het schoolbestuur met eigen middelen betaalt om het lessenrooster te realiseren;
  • in voorkomend geval: de lestijden voor muzikale begeleiding (ambt begeleider).

De academie hoeft het uurrooster niet op te sturen, maar houdt de actuele versie waarmee gewerkt wordt, ter beschikking van de verificatie in de academie. In het geval van een doorlichting bezorgt u de uurroosters aan de onderwijsinspectie.

Een uurrooster gaat uit van een regelmatige frequentie van de leeractiviteiten in alle maanden van september tot juni. Standaard gaat het uurrooster uit van wekelijkse lestijden (frequentie 1).

Als een academie in haar lessenrooster voor een bepaald vak één lestijd heeft opgegeven in een bepaald leerjaar, betekent dit alle leerlingen van die klasgroep het vak elke week van het schooljaar zullen volgen, uitgezonderd de vakantieperiodes, vakantiedagen en andere verlofdagen.

3.1.2. Samenvoegen van lestijden tot lesblokken

Een academie kan wekelijkse lestijden van een vak samenvoegen tot grotere lesblokken. Leerlingen volgen het vak dan tweewekelijks, driewekelijks of maandelijks. De leeractiviteiten omvatten dan lesblokken van twee, drie of vier lestijden.

Op het uurrooster vermeldt u dat de leeractiviteiten tweewekelijks (frequentie 2), driewekelijks (frequentie 3) of maandelijks (frequentie 4) georganiseerd worden.

Voorbeeld: Als een academie in haar lessenrooster voor een bepaald vak één lestijd heeft opgegeven in een bepaald leerjaar en kiest voor frequentie 2, betekent dit alle leerlingen van die klasgroep om de veertien dagen 2 lestijden van het vak zullen volgen, uitgezonderd de vakantieperiodes, vakantiedagen en andere verlofdagen.

De beslissing om lestijden samen te voegen, behoort sinds het nieuwe organisatiebesluit tot de autonomie van het schoolbestuur. Een gemotiveerde aanvraag aan de onderwijsinspectie is niet langer nodig. De academie maakt wel een planning die ze bij het begin van het schooljaar bezorgt aan de leerlingen.

3.1.3. Opsplitsen van lestijden

Nieuw sinds het niveaudecreet is de mogelijkheid om leeractiviteiten van een halve lestijd te organiseren.

Voorbeeld: in een vestigingsplaats in een basisschool geeft een leerkracht tijdens de middagpauze het vak woordinitiatie.

Maandag 12u tot 12:30u klasgroep A

12:30u tot 13u. klasgroep B

Donderdag12u tot 12:30u klasgroep B

12:30u tot 13u. klasgroep A

Personeelsleden worden wel steeds in volledige lestijden aangesteld. Enkel in de opleiding van de derde graad dans is een aanstelling in halve lestijden mogelijk.

Voor gesplitste wekelijkse lestijden) gebruikt u in het uurrooster frequentie 0,5.

3.2. Verschuiving van de leeractiviteiten over het schooljaar en extra-murosactiviteiten

3.2.1. Verschuiven van lestijden

Een academie kent intensieve en minder intensieve periodes.

Via het document ‘Jaarplanning’ (bijlage 3) kunt u wekelijkse lestijden of lesblokken te verschuiven over de loop van het schooljaar.

Voorbeeld: Een academie plant voor een klasgroep die vooral bestaat uit leerlingen secundair onderwijs geen leeractiviteiten tijden de examenperiodes in december en juni, maar voorziet extra leeractiviteiten in oktober en mei.

Voorbeeld: Een academie org aniseert het vak initiatieatelier waarvoor in het lessenrooster 1 lestijd is voorzien gedurende twee maanden van het schooljaar. Gedurende 9 weken volgen de leerlingen lesblokken van 4 wekelijkse lestijden in de verschillende ateliers van de academie. Afsl uitend wordt een lestijd besteed aan het uitwisselen van ervaringen tussen de leerlingen.

Voorbeeld: Een academie organiseert een dansoptreden in maart en plant in die maand heel wat extra leeractiviteiten, maar in juni worden er geen leeractiviteiten meer georganiseerd.

Door de verschuiving mogen de leerling niet minder les krijgen. Als het lessenrooster één wekelijkse lestijd aan een vak koppelt, moet de som van alle geplande lestijden over het schooljaar minstens 37 bedragen.

3.2.2. Extramurosactiviteiten

Een extramurosactiviteit is een leeractiviteit onder begeleiding van een leerkracht die plaatsvindt buiten de academie en als zodanig één of meer lestijden in de academie vervangt. Leerlingen nemen als klasgroep deel aan een extramurosactiviteit: bezoek van een tentoonstelling, bijwonen van een theatervoorstelling.

Een extramurosactiviteit is ingebed in het leerproces. Ze sluit inhoudelijk aan bij de leeractiviteiten die ervoor of erna in de academie plaats vinden. De onderwijsinspectie kan de voorbereidings- en evaluatieverslagen inkijken. Net als bij leeractiviteiten in de academie is er sprake van interactie tussen leerlingen en leerkracht. Activiteiten die leerlingen op eigen initiatief zonder leerkracht ondernemen, zijn geen extramurosactiviteiten.

De beslissing om extramurosactiviteiten te organiseren behoort tot de autonomie van het schoolbestuur. Op het document jaarplanning kruist u aan welke lestijden of lesblokken u wil vervangen door een extramurosactiviteit. Het is niet meer nodig om met een gemotiveerde aanvraag toestemming aan de onderwijsinspectie te vragen.

Alle verplichtingen over toezicht op minderjarige leerlingen en daaruit voortvloeiende burgerlijke aansprakelijkheid van de begeleidende personen blijven geldig. Het is aangewezen om op voorhand de schoolverzekering na te kijken over de stappen die deze personen moeten zetten bij een ongeval.

3.3. Lesverplaatsingen op verzoek van de leerkracht

Heel wat leerkrachten combineren het lesgeven met een eigen artistieke praktijk. Om die combinatie mogelijk te maken, kunnen leerkrachten een lesverplaatsing aanvragen. Ook voor het volgen van professionaliseringsactiviteiten (cursus, navorming) is een lesverplaatsing mogelijk. Voor andere persoonlijke redenen moet de leerkracht gebruik maken van de wettelijke verlofstelsels (zie verloven en afwezigheden).

Het schoolbestuur legt een beoordelingskader vast om de aanvragen toe te staan of te weigeren.

Een lesverplaatsing is een afwijking van de planning van de leeractiviteiten in het schooljaar zoals vastgelegd in het uurrooster en de jaarplanning. De lesverplaatsingen hoeven niet vermeld te worden op die documenten maar komen terecht in een apart register. Het register bevat alle aanvragen en de beslissingen erover. De verificateur kan vragen om het register in te kijken, net als de onderwijsinspectie in het geval van een doorlichting.

4. Planning en organisatie van leeractiviteiten op maat

Met leeractiviteiten op maat kan een academie korte lessenreeksen organiseren. Een of meer van de volgende doelstellingen staan daarbij centraal:

  • interdisciplinaire samenwerking over de domeinen of tussen de studierichtingen van een domein;
  • terugkommomenten voor afgestudeerden (lezingen, masterclasses, workshops);
  • innovatie van het onderwijs op het vlak van de inhoud of methodiek.

Maximaal vijf percent van haar lestijdenpakket kan de academie daarvoor gebruiken. Rekening houdend met de vakantieperiodes levert één lestijd minstens 37 effectieve lestijden op. De leeractiviteiten kunnen op ieder moment van het schooljaar starten, maar niet plaats vinden tijdens de vakantieperiodes (zie 1.3.). De planning wordt voorgelegd aan de vakbonden in het lokaal comité.

Minstens twee weken voor de leeractiviteiten starten, maakt de academie de planning bekend bij de leerlingen en andere mogelijke geïnteresseerden.

Voorbeeld: een academie organiseert leeractiviteiten op maat over het bouwen van klankinstallaties, voor leerlingen muziek en beeldende en audiovisuele kunsten, maar ook voor afgestudeerden. De academie besteedt één wekelijkse lestijd aan de leeractiviteiten op maat. De academie plant in de periode van oktober tot december vijf zaterdagmiddagen in van 4 lestijden. In de periode van februari tot april wordt de lessenreeks herhaald.

De verificateur of de onderwijsinspectie kan de planning inkijken in de academie.