Dringende en tijdelijke maatregelen voor het secundair onderwijs naar aanleiding van de coronacrisis

  • referentie
    SO/2020/01
  • publicatiedatum
    22/05/2020
  • datum laatste wijziging
    03/02/2022
  • wettelijke basis
    Bijzonder decreet van 8 mei 2020 tot dringende, tijdelijke afwijking van het bijzonder decreet van 14 juli 1998 betreffende het gemeenschapsonderwijs naar aanleiding van de coronacrisis, wat de leerlingenevaluatie betreft
  • wettelijke basis
    Decreet van 8 mei 2020 tot het nemen van dringende tijdelijke maatregelen in het onderwijs naar aanleiding van de coronacrisis
  • wettelijke basis
    Decreet van 29 mei 2020 tot het nemen van dringende tijdelijke maatregelen in het onderwijs naar aanleiding van de coronacrisis (II)
  • wettelijke basis
    Decreet van 17 juli 2020 tot het nemen van dringende tijdelijke maatregelen in het onderwijs naar aanleiding van de coronacrisis (III) en tot wijziging van de Codificatie sommige bepalingen voor het onderwijs van 28 oktober 2016
  • wettelijke basis
    Decreet van 30 oktober 2020 tot het nemen van dringende tijdelijke maatregelen in het onderwijs naar aanleiding van de coronacrisis (IV)
  • wettelijke basis
    Decreet van 18 december 2020 tot het nemen van dringende tijdelijke maatregelen in het onderwijs naar aanleiding van de coronacrisis (V)
  • wettelijke basis
    Decreet van 12 februari 2021 tot het nemen van dringende tijdelijke maatregelen in het onderwijs naar aanleiding van de coronacrisis (VI)
  • wettelijke basis
    Decreet van 30 april 2021 tot het nemen van dringende tijdelijke maatregelen in het onderwijs naar aanleiding van de coronacrisis (VII)
  • wettelijke basis
    Decreet van 25 juni 2021 tot het nemen van dringende tijdelijke maatregelen in het onderwijs naar aanleiding van de coronacrisis (VIII)
  • wettelijke basis
    Besluit van de Vlaamse Regering van 8 mei 2020 houdende diverse dringende maatregelen in onderwijs ingevolge COVID-19
  • wettelijke basis
    Besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2020 tot toekenning van extra werkingsbudget voor de scholen van het gewoon en buitengewoon basis- en secundair onderwijs omwille van de genomen maatregelen en hieraan verbonden extra onkosten gemaakt door de scholen tegen verspreiding van COVID-19
  • wettelijke basis
    Besluit van de Vlaamse Regering van 12 juni 2020 tot toekenning van extra werkingsbudget voor de scholen van het gewoon en buitengewoon basis- en secundair onderwijs en van het deeltijds beroepssecundair onderwijs, ter compensatie van geannuleerde schooluitstappen en -reizen en gederfde inkomsten en aan de studentenvoorzieningen van de hoger onderwijs instellingen ingevolge COVID-19
  • wettelijke basis
    Besluit van de Vlaamse Regering van 26 juni 2020 tot toekenning van extra ICT-middelen voor het gewoon en buitengewoon lager voor leerlingen vanaf het vijfde leerjaar (geboortejaar 2008) en secundair onderwijs in het kader van de aanpak van COVID-19
  • wettelijke basis
    Besluit van de Vlaamse Regering van 4 september 2020 tot toekenning van extra werkingsbudget voor de scholen van het gewoon en buitengewoon basis- en secundair onderwijs, de CLB's en de internaten omwille van de genomen maatregelen en hieraan verbonden extra onkosten gemaakt door de scholen tegen verspreiding van COVID19 voor de periode september - december 2020
  • wettelijke basis
    Besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober houdende diverse dringende maatregelen in onderwijs ingevolge COVID-19 en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 4 september 2020 tot toekenning van extra werkingsbudget voor de scholen van het gewoon en buitengewoon basis- en secundair onderwijs, de CLB ’s en de internaten omwille van de genomen maatregelen en hieraan verbonden extra onkosten gemaakt door de scholen tegen verspreiding van COVID-19 voor de periode september – december 2020
  • wettelijke basis
    Besluit van de Vlaamse Regering van 13 november 2020 houdende diverse dringende maatregelen ingevolge COVID-19 voor de centra voor leerlingenbegeleiding, het onderwijspersoneel, de academies deeltijds kunstonderwijs, de centra voor volwassenonderwijs en de centra voor basiseducatie houdende wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2020 tot toekenning van extra werkingsbudget voor de scholen van het gewoon en buitengewoon basis- en secundair onderwijs omwille van de genomen maatregelen en hieraan verbonden extra onkosten gemaakt door de scholen tegen verspreiding van COVID-19 m.b.t. de internaten
  • wettelijke basis
    Besluit van de Vlaamse Regering van 23 april 2021 voor het nemen van dringende en tijdelijke maatregelen in het onderwijs ten gevolge van de COVID-19-crisis met betrekking tot de geïntegreerde proeven en kwalificatieproeven, het uitstel voor het indienen van leerplannen, het behoud van het statuut van gehuwd of zelfstandig student, het verlengen van subsidies voor de projecten "Taalstimulerende activiteiten" en "Lezen op School" en de budgetbeheersing inzake bijkomende lestijden, lesuren en uren-leraar voor de remediëring van leerlingen die leerachterstand hebben opgelopen door COVID-19
  • wettelijke basis
    Ministerieel besluit van 13 juli 2020 over de uitvoeringsbepalingen van het decreet van 8 mei 2020 tot het nemen van dringende en tijdelijke maatregelen in het onderwijs naar aanleiding van de coronacrisis i.v.m. de inschrijvingen in scholen
  • In deze omzendbrief lichten we de dringende tijdelijke maatregelen toe die het Vlaams Parlement en de Vlaamse Regering voor het secundair onderwijs genomen hebben voor het schooljaar 2021-2022, naar aanleiding van de coronacrisis.
  • Deze omzendbrief is van toepassing op het voltijds secundair onderwijs, het stelsel leren en werken en de opleiding Verpleegkunde van het hoger beroepsonderwijs, tenzij anders vermeld.

Situering.

De coronapandemie raakt ook de scholen diep in hun werking en stelt hen voor grote uitdagingen. De bestaande regelgeving is niet voorzien op deze uitzonderlijke situatie.

Om het schooljaar 2021-2022 optimaal te kunnen organiseren, hebben het Vlaams Parlement en de Vlaamse Regering enkele maatregelen genomen. Ze hebben allen een dringend en tijdelijk karakter.

De verschillende maatregelen worden hieronder thematisch toegelicht.

Dringende tijdelijke maatregelen.

1. Leerlingenevaluatie.

1.1. Studieverandering mogelijk t.e.m. 31 januari 2022.

In december is in heel wat secundaire scholen een evaluatieperiode gebeurd. In de huidige context van stijgende coronacijfers is het mogelijk dat scholen tijdens de examenperiode geconfronteerd worden met besmettingen en quarantaines bij individuele leerlingen, klassen en leraren, of zelfs met een noodgedwongen sluiting van de volledige school. Hierdoor zullen scholen soms de examens of andere evaluatieopdrachten noodgedwongen verplaatsen naar begin januari.

Leerlingenevaluatie vormt een belangrijk onderdeel van de onderwijsloopbaan van leerlingen. De resultaten van examens of andere evaluatieopdrachten vormen mee de basis waarop begeleidende klassenraden de studievorderingen van leerlingen beoordelen en desgevallend leerlingen heroriënteren. Leerlingen kunnen ook zelf vaststellen dat een gekozen studierichting niet de juiste keuze was en beslissen om van studierichting te veranderen.

Studieveranderingen zijn in de tweede en de derde graad van het voltijds gewoon secundair onderwijs van rechtswege mogelijk tot en met 15 januari. Nadien kan een studieverandering enkel nog in uitzonderlijke gevallen en mits gunstige beslissing van de toelatingsklassenraad.

Gelet op de mogelijke impact van de coronapandemie op de organisatie van examens of andere evaluatieopdrachten in december 2021 of januari 2022 wordt de termijn voor het van rechtswege veranderen van studierichting verlengd tot en met 31 januari 2022.

1.2. Schoolreglement.

In de huidige context van stijgende coronacijfers is het mogelijk dat scholen tijdens de examenperiode geconfronteerd worden met besmettingen en quarantaines bij individuele leerlingen, klassen en leraren, of zelfs met een noodgedwongen sluiting van de volledige school. Hierdoor zullen scholen soms de examens of andere evaluatieopdrachten noodgedwongen verplaatsen.

Het verplaatsen van een examenperiode vereist in principe echter een ingrijpen op het schoolreglement. De mogelijkheid wordt opnieuw geboden tot het ingrijpen in de in het schoolreglement opgenomen evaluatiebepalingen, zonder akkoord van de betrokken personen tijdens het schooljaar 2021-2022. De maatregelen worden vooraf overlegd met de schoolraad en onderhandeld met de lokale personeelsvertegenwoordiging, indien gevolgen voor personeel. De wijzigingen worden schriftelijk of elektronisch aan de betrokken personen gecommuniceerd.

1.3. Geïntegreerde proef en kwalificatieproef tijdens het schooljaar 2021-2022.

In een aantal leerjaren en onderwijsvormen van het secundair onderwijs moet een geïntegreerde proef (GIP) worden georganiseerd.

In het buitengewoon secundair onderwijs van opleidingsvorm 3 moet op het einde van de kwalificatiefase (en mogelijks ook op het einde van de integratiefase) een kwalificatieproef worden georganiseerd.

Regelmatige leerlingen moeten verplicht aan deze proeven deelnemen.

De GIP of de kwalificatieproef wordt beoordeeld door de leraars die de betrokken vakken onderwijzen, evenals door deskundigen op het terrein van de te beoordelen kwalificatie. Deze deskundigen worden in de loop van het schooljaar aangeduid door het schoolbestuur of haar afgevaardigde.

Door de uitzonderlijke omstandigheden die het COVID-virus met zich meebrengt, zullen scholen niet altijd in de mogelijkheid zijn om de geïntegreerde proef of een kwalificatieproef in opleidingsvorm 3 te organiseren op het einde van dit schooljaar. Ook de betrokkenheid van externe deskundigen bij de beoordeling van de GIP kan in het gedrang komen.

Daarom wordt voor het schooljaar 2021-2022 voorzien dat de geïntegreerde proef of de kwalificatieproef een facultatief onderdeel wordt van de eindevaluatie van een leerling, en geen verplicht onderdeel. Zo kan elke school – rekening houdend met de eigen specifieke context – autonoom beslissen of de proeven al dan niet kunnen worden georganiseerd. Daarnaast wordt voorzien dat – in voorkomend geval – de afwezigheid door overmacht van deskundigen bij de beoordeling geen afbreuk doen aan de rechtsgeldigheid ervan.

2. Bepalingen m.b.t. de praktijkgerichte component in het secundair onderwijs tijdens het schooljaar 2021-2022.

Stage in opleidingsvorm 3.

In de kwalificatiefase van opleidingsvorm 3 van het buitengewoon secundair onderwijs vermeldt de regelgeving een stageverplichting met minimumduur. Hierop is er vandaag geen afwijkingsgrond wegens overmacht voorzien, terwijl een analoge afwijking wel mogelijk is bij alle stages in het gewoon secundair onderwijs. Om hieraan tegemoet te komen, kan in de kwalificatiefase omwille van de veiligheidsmaatregelen in het kader van COVID, afgeweken worden van de minimumduur van de stageverplichting.

Leerlingen in de integratiefase van het buitengewoon secundair onderwijs, opleidingsvorm 3, wisselen het leren op de school af met het leren op de werkplek. De termijnen die leerlingen dienen te doorlopen binnen beide contexten zijn decretaal verankerd: minstens 400 uur op de school en 700 uur op de werkplek. Omwille van eventuele geldende veiligheidsmaatregelen en/of beperkte tewerkstelling in een sector, bestaat de kans dat leerlingen onvoldoende tijd op de werkplek kunnen doorbrengen. Om hieraan tegemoet te komen kan worden afgeweken van de 700 uur werkervaring.

3. Inschrijven en aanmelden voor het schooljaar 2021-2022 en 2022-2023.

  • Inschrijvingen waarvoor de fysieke aanwezigheid van de ouders of leerlingen vereist is, worden opgeschort indien de veiligheidsmaatregelen naar aanleiding van de coronacrisis dit vereisen. Tijdens deze periode zijn alleen inschrijvingen op afstand mogelijk (bv. digitaal, telefonisch). Respecteer altijd de chronologie van de inschrijvingen.

  • Als de veiligheidsmaatregelen naar aanleiding van de coronacrisis dat toestaan, kunnen de inschrijvingen van toegewezen leerlingen na een aanmeldingsprocedure op afspraak gebeuren. Ook inschrijvingen die starten voor de eerste schooldag van maart in scholen die geen leerlingen weigeren, kunnen op afspraak.

  • Inschrijven kan dit schooljaar ook rechtstreeks op afstand d.m.v. een digitale of schriftelijke akkoordverklaring (bijvoorbeeld een webformulier), meer info vindt u op de FAQ.

3.1. Aanmelden.

Aanmelden betekent dat ouders vooraf kenbaar maken in welke school of scholen ze hun kind willen inschrijven, waarbij een volgorde in keuze wordt aangegeven. De beschikbare plaatsen worden dan toegekend aan de hand van bepaalde criteria. Meer info over aanmelden: zie de omzendbrief inschrijvingsrecht secundair onderwijs.

Er is ook een mogelijkheid om na 15 november 2021 een voorstel tot aanmeldingsprocedure in te dienen. Dan kon tot uiterlijk op 31 januari 2022 een voorstel tot aanmeldingsprocedure ingediend worden bij de CLR.

  • Er geldt dan wel een verkorte beroepsprocedure. Initiatiefnemers die geen goedkeuring krijgen van de CLR op uiterlijk 11 februari hebben tijd tot 11 maart 2022 om ofwel een aangepast dossier in te dienen bij de Commissie inzake Leerlingenrechten, ofwel om het dossier voor te leggen aan de Vlaamse Regering.

  • Een voorstel ingediend uiterlijk op 31 januari 2022 moet rekening houden bij het bepalen van de start en de duur van de aanmeldingsperiode of alle deelperiodes met de mogelijkheid van een negatief besluit door de CLR.

Indien scholen na 31 januari 2022 alsnog de inschrijvingen willen laten voorafgaan door een aanmeldingsprocedure is dit eveneens mogelijk. Scholen kunnen alsnog een aanmeldingsprocedure aan de hand van een standaarddossier opstarten voor de inschrijvingen voor het schooljaar 2022-2023. Een andere mogelijkheid is dat ze aansluiten bij een reeds bestaande procedure.

Voor meer informatie hieromtrent, neem contact op met inschrijvingsrecht.secundaironderwijs@vlaanderen.be.

3.2. Leerlingen weigeren.

Als een leerling niet kan worden ingeschreven bezorg je gedurende het schooljaar 2021-2022 een mededeling van niet-gerealiseerde inschrijving, zie de omzendbrief omtrent inschrijvingsrecht.

Weigeringen kunnen ook elektronisch aan de ouders bezorgd worden.

Weigeringen moeten worden gemeld via het schoolsoftwarepakket aan AGODI.

3.3. Termijn inschrijving ontbindende voorwaarde.

Leerlingen die ingeschreven zijn onder ontbindende voorwaarde gedurende het schooljaar 2021-2022 zijn na het verstrijken van de termijn van 60 kalenderdagen definitief ingeschreven, ook indien er door de veiligheidsmaatregelen i.v.m. corona (of omwille van een andere reden) niet altijd fysieke lesbijwoning mogelijk was. Indien de school pas nadat de inschrijving reeds gerealiseerd werd, kennis neemt van een verslag, start de termijn van de 60 kalenderdagen op de dag van de kennisneming.

4. Verslag (buitengewoon onderwijs en individueel aangepast curriculum) en gemotiveerd verslag.

4.1. Opmaak tijdelijk verslag voor het schooljaar 2022-2023.

Voor de opmaak van verslagen met het oog op een inschrijving in het buitengewoon onderwijs of een IAC in het gewoon onderwijs is voor verschillende types (externe) diagnostiek vereist.

Ingeval externe diagnostische centra door de veiligheidsmaatregelen in het kader van de beheersing van de COVID pandemie niet in de mogelijkheid zijn om tijdig classificerende diagnoses af te leveren, is het mogelijk dat sommige handelingsgerichte diagnostische trajecten (HGD) nog niet tot een definitief besluit kunnen komen. Om daaraan tegemoet te komen voeren we tijdelijk de mogelijkheid in om met het oog op de start van het schooljaar 2022-2023 een tijdelijk verslag op te maken. Dit kan tot en met 31 augustus 2022:

  • voor de inschrijving in het buitengewoon onderwijs;

  • voor de opstart van een individueel aangepast curriculum (IAC) in het gewoon onderwijs;

  • wanneer een type gewijzigd moet worden voor een leerling die al over een verslag beschikt.

Voor de opmaak van het tijdelijk verslag kan het sjabloon van het verslag worden gebruikt, met inbegrip van de aanduiding van een type en opleidingsvorm. Alleen kan dat op het moment dat het tijdelijk verslag wordt opgemaakt, nog niet onderbouwd worden met een externe classificerende diagnose. Het CLB zorgt voor een goede communicatie met de leerling, de ouders en de school over de typologie die werd bepaald.

In de loop van het schooljaar 2022-2023 moet het HGD-traject afgerond worden. Na de toekenning van de juiste diagnose wordt het tijdelijk verslag omgezet in een definitief verslag. Als een diagnose uitblijft, zal het tijdelijk verslag van rechtswege opgeheven worden met het oog op het schooljaar 2023-2024.

Een tijdelijk verslag heeft verder dezelfde rechtsgevolgen als een verslag, zoals de inschrijving onder ontbindende voorwaarde in het gewoon onderwijs.

Het tijdelijke verslag is mogelijk voor alle types waarvoor een diagnose vereist is en dient alleen voor een goede opstart van het schooljaar 2022-2023. Het staat los van het al bestaande, voorlopige verslag type 3.

4.2. Geen verplichting herevaluatie type basisaanbod na opleidingsfase in schooljaar 2021-2022.

Voor leerlingen in het buitengewoon onderwijs type basisaanbod moet er periodiek een herevaluatie van hun inschrijving gebeuren. Voor opleidingsvorm 3 in het buitengewoon secundair onderwijs wordt de herevaluatie op het einde van de opleidingsfase uitgevoerd. Het doel van die herevaluatie is na te gaan of de leerling opnieuw de overstap naar het gewoon onderwijs kan maken om daar het gemeenschappelijk curriculum of een individueel aangepast curriculum te volgen, of als dat niet mogelijk is, ingeschreven blijft in het buitengewoon onderwijs.

Deze herevaluatie wordt uitgevoerd door het CLB. Omwille van de COVID 19-crisis zijn de CLB’s momenteel evenwel belast met heel wat andere taken, waaronder het contactonderzoek, en is er een toegenomen vraag naar ondersteuning van leerlingen op het vlak van leren en psychosociaal welbevinden. Daarom is er geen verplichting voor de CLB’s om op het einde van het schooljaar 2021-2022 een herevaluatie te doen in functie van de eventuele verlenging van de inschrijving in type basisaanbod vanaf het schooljaar 2022-2023.

Dit betekent dat:

  • voor de leerlingen die nu op het einde van de opleidingsfase zijn gekomen hun inschrijving in het BUSO kan doorlopen zonder dat de motivatie van het CLB in het verslag of in een addendum bij het verslag moet worden opgenomen. De situatie van deze leerlingen wordt het komende schooljaar niet herbekeken;

  • als ouders er voor kiezen hun kind opnieuw in te schrijven in het gewoon onderwijs dat kan op basis van het bestaande verslag als de leerling in het gewoon onderwijs een IAC gaat volgen. Maakt de leerling de overstap naar het gewoon onderwijs om het gemeenschappelijk curriculum te volgen dan bekijkt het CLB of het verslag moet opgeheven worden of vervangen door een gemotiveerd verslag;

  • wanneer CLB’s, scholen en ouders het proces van de herevaluaties al opgestart hadden, ze deze kunnen afronden indien ze dat wensen, ze zijn daar evenwel niet toe verplicht. De centra brengen scholen en ouders daar best van op de hoogte

4.3. Gemotiveerd verslag secundair onderwijs voor het schooljaar 2021-2022.

We geven de centra voor leerlingenbegeleiding van de scholen voor secundair onderwijs meer tijd om die nieuwe gemotiveerde verslagen op te maken. De gemotiveerde verslagen die opgemaakt zijn in het basisonderwijs blijven rechtsgeldig om ondersteuning aan te vragen voor leerlingen die op 1 september 2021 overstapten naar het secundair onderwijs. Dit is op voorwaarde dat er nog steeds nood is aan ondersteuning en de inzet van compenserende of dispenserende maatregelen of dat specifieke expertise vanuit het buitengewoon onderwijs type basisaanbod, 2, 3, 4, 6, 7 of 9 vereist is. Is dat niet het geval dan moet het CLB het gemotiveerd verslag opheffen.

De centra voor leerlingenbegeleiding van de secundaire scholen maken uiterlijk tegen 1 september 2022 de nieuwe gemotiveerde verslagen op, zo niet vervalt de rechtsgeldigheid van het gemotiveerd verslag van het basisonderwijs. Concreet houdt dit in dat een handelingsgericht advies geregistreerd moet worden in het multidisciplinair leerlingendossier.

5. Werkervaring binnen het stelsel voor leren en werken voor het schooljaar 2021-2022.

Voor leerlingen die binnen het stelsel voor leren en werken geconfronteerd worden met een (langdurige) afwezigheid van de leerkracht, kan er worden voorzien in een extra dag arbeidsdeelname op de werkplek. De component leren wordt dan tijdelijk beperkt tot 7 of 8 wekelijkse uren.

Van deze mogelijkheid kan enkel maar gebruik worden gemaakt onder de volgende cumulatieve voorwaarden:

1° er is een tekort aan onderwijzend personeel ten gevolge van de coronamaatregelen of ziekte;

2° over deze beperking wordt vooraf overleg gepleegd met de schoolraad en, als ze gevolgen hebben voor het personeel, met de lokale personeelsvertegenwoordiging;

3° de periode waarin de leerling werd geacht de lessen te volgen, kan enkel worden ingevuld met arbeidsdeelname. Een invulling met een aanloopcomponent behoort niet tot de mogelijkheden;

4° akkoord van elke betrokken partij zoals vermeld in artikel 4 van het decreet van 10 juni 2016 tot regeling van bepaalde aspecten van alternerende opleidingen.

Deze bepaling is niet van toepassing op een leerling in het duaal leren. Voor deze leerling bestaat vandaag al de toepassing van ditzelfde principe.