Besluit van de Vlaamse Regering tot toekenning van extra ICT-middelen voor het gewoon en buitengewoon lager voor leerlingen vanaf het vijfde leerjaar (geboortejaar 2008) en secundair onderwijs in het kader van de aanpak van COVID-19

  • goedkeuringsdatum
    26 JUNI 2020
  • publicatiedatum
    B.S.09/07/2020
  • zie ook
  • datum laatste wijziging
    09/07/2020

Rechtsgrond(en)

Dit besluit is gebaseerd op:

- het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, artikel 154, § 2;

- besluit van de Vlaamse regering houdende codificatie betreffende het secundair onderwijs, inzonderheid artikel 251/1;

- het besluit van de Vlaamse regering houdende codificatie van sommige bepalingen voor het onderwijs, inzonderheid de artikelen VI1 t.e.m. VI 3

Vormvereiste(n)

De volgende vormvereiste(n) is / zijn vervuld:

- de inspectie van Financiën heeft advies gegeven op 9 juni 2020;

- de Vlaamse minister bevoegd voor de Financiën en begroting heeft zijn akkoord gegeven op 18 juni 2020.

Omwille van de hoogdringendheid wordt er geen advies aan de Raad van State gevraagd. Het spoedeisend karakter wordt gemotiveerd omdat de middelen nog in het lopende schooljaar moeten worden toegekend opdat de scholen zich zo snel als redelijk mogelijk moeten kunnen organiseren op het komende schooljaar 2020-2021 waarin er naar verwachting bij aanvang nog geen COVID-19-vaccin ter beschikking zal zijn.

Motivering

Dit besluit is gebaseerd op het volgende motief / de volgende motieven:

- Het overschakelen naar (digitaal) afstandsonderwijs is één van de voornaamste maatregelen in de aanpak van COVID-19. Scholen zullen ook tijdens het schooljaar 2020-2021 voorbereid moeten zijn om via digitale weg onderwijs te voorzien. In afwachting van het ter beschikking zijn van een COVID-19-vaccin moeten scholen zich klaar te maken voor een eventuele heropflakkering tijdens het begin van het volgende schooljaar

Juridisch kader

Dit besluit sluit aan bij de volgende regelgeving:

- het besluit van de Vlaamse regering houdende codificatie van sommige bepalingen voor het onderwijs, inzonderheid de artikelen VI1 t.e.m. VI 3.

- het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, artikel 154, § 2;

- besluit van de Vlaamse regering houdende codificatie betreffende het secundair onderwijs, inzonderheid artikel 251/1;

Initiatiefnemer(s)

Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Onderwijs, Sport, Dierenwelzijn en Vlaamse Rand.

Na beraadslaging,

DE VLAAMSE REGERING BESLUIT:

Artikel 1.

Omdat het noodzakelijk is dat de leerlingen geconnecteerd blijven met de scholen in tijden van gedeeltelijke of volledige verplichte sluiting van de scholen en om het leerrecht van leerlingen in het geval van afstandsonderwijs te garanderen in het co-coronaschooljaar 2020-2021 worden bijkomend ICT-middelen toegekend aan de schoolbesturen volgens de modaliteiten in dit BVR vermeld.

Art. 2.

§ 1. Aan de schoolbesturen voor het gewoon en buitengewoon lager onderwijs worden middelen toegekend voor haar leerplichtige leerlingen vanaf het geboortejaar 2008 (5de leerjaar).

§ 2. Aan de schoolbesturen van het gewoon en buitengewoon secundair onderwijs worden bijkomende ICT-middelen toegekend voor alle leerlingen.

§ 3. Het bedrag is maximaal 34.368.000 euro voor het schooljaar 2020 - 2021. Dit bedrag is berekend op basis van het aantal betrokken gewogen leerlingen in het lager onderwijs en alle leerlingen van het secundair onderwijs te vermenigvuldigen met 50 euro.

Art. 3.

Voor de verdeling van dit bedrag naar de instellingen wordt rekening gehouden met de leerlingenkenmerken van de in onder artikel 1 betrokken schoolbesturen zoals gedefinieerd in artikel 78 § 1 1° van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 en in artikel 242, § 1, 1° van Besluit van de Vlaamse Regering houdende de codificatie betreffende het secundair onderwijs

Art. 4.

Per leerling die aantikt op een kenmerk zoals bepaald in artikel 2 wordt per kenmerk een bijkomende weging van 0,1 toegekend aan deze leerling. De maximale weging bedraagt 1,4.

Art. 5.

Het totale budget wordt gedeeld door het totaal aantal gewogen leerlingen. Dit geeft een bedrag per gewogen leerling.

Art. 6.

Het budget dat wordt toegekend per school is het bedrag per gewogen leerling vermenigvuldigd met het totaal aantal gewogen leerlingen per school

Art. 7.

De Vlaamse minister, bevoegd voor het Onderwijs is belast met de uitvoering van dit besluit.