Onderwijsonderzoeken

Titel
Studentenmonitor Vlaanderen 2009. Socio- economische kenmerken van studenten in het hoger onderwijs
Korte omschrijving
Hoe ziet het socio-economisch profiel van de Vlaamse studenten in het hoger onderwijs eruit en welke studiekosten maken zij? De bevraging ‘studentenmonitor 2009’ sloot aan bij het opzet van Eurostudent III, maar omvatte meer aspecten dan deze die in Eurostudent III bevraagd wordt. De studentenmonitor 2009 focuste zich ook specifiek op de studiekosten van studenten in het hoger onderwijs. De thema's die in studentenmonitor 2009 onderzocht werden naast de studiekosten (en gebaseerd zijn op de vragenlijst van Eurostudent) zijn ondermeer een aantal persoonskenmerken van de student (bv. leeftijd, geslacht, burgerlijke staat, ouderschap, functiebeperking), leefsituatie van de student, achtergrondkenmerken van de familie, leer- en werksituatie voor de intrede in het hoger onderwijs, studieresultaat in het hoger onderwijs, tijdbesteding van de student, internationale mobiliteit,...
Status
Afgerond
Startdatum
15/12/2008
Einddatum
30/06/2009
Omschrijving van het onderzoeksopzet

Hoe ziet het socio-economisch profiel van de Vlaamse studenten in het hoger onderwijs eruit en welke studiekosten maken zij? De bevraging Studentenmonitor 2009 sluit aan bij het opzet van Eurostudent III, maar omvat meer aspecten dan in Eurostudent III.

De bevraging gebeurt aan de hand van een internetvragenlijst gericht aan alle studenten in het hoger onderwijs. Studentenmonitor 2009 focust zich ook specifiek op de studiekosten van studenten in het hoger onderwijs.

De thema's in Studentenmonitor 2009 zijn, naast de studiekosten, onder meer een aantal persoonskenmerken van de student (zoals leeftijd, geslacht, burgerlijke staat, ouderschap, functiebeperking), leefsituatie van de student, achtergrondkenmerken van de familie, leer- en werksituatie voor de intrede in het hoger onderwijs, studieresultaat in het hoger onderwijs, tijdbesteding van de student, internationale mobiliteit …

Omschrijving van de onderzoeksresultaten

-De demografische kenmerken van de studenten: Zo’n 6% van de studenten is gehuwd of samenwonend. 2 % van de studenten heeft één of meerdere kinderen. 3% van de studenten geeft aan een functiebeperking te hebben. Twee derde van de studenten met een functiebeperking vindt dat zijn/ haar instelling daarmee rekening houdt. -De leefsituatie van de student: Ruim twee derde van de hogeschoolstudenten woont thuis bij hun ouders, terwijl dit bij slechts 37% van de universiteitsstudenten het geval is. -Het socio-economische milieu van de Vlaamse student: 63% van de studenten die hoger onderwijs volgen, komt uit een gezin waar minstens één van de ouders eveneens een opleiding hoger onderwijs heeft genoten. Driekwart van de studenten heeft ook een moeder die actief is op de arbeidsmarkt. Ook blijkt dat studenten met ouders uit een hogere sociale klasse beduidend vaker internationaal mobiel zijn en vaker dan andere studenten een opleiding in het buitenland volgen. -Het huidige type van onderwijs dat studenten volgen en hun eventuele plannen om nog verder te studeren: bijna de helft van alle studenten zou na zijn huidige opleiding nog willen verder studeren. Slechts 18% van hen overweegt om deze studie eventueel in het buitenland te doen. -Het studietraject van de studenten hoger onderwijs: in de hogeschool stromen vooral studenten in uit het ASO en TSO. In de universiteit stromen voornamelijk studenten uit het ASO in. In de studiegebieden tandheelkunde, geneeskunde en dierengeneeskunde is het percentage studenten met een buitenlands diploma opvallend hoog, namelijk respectievelijk 10%, 6% en 28%. -De studievoortgang van de studenten: deze lijkt nauwelijks te verschillen voor studenten uit de hogeschool en deze uit de universiteit. -Hoeveel tijd besteden studenten aan hun studie: studenten beweren gemiddeld elke week bijna 39 uur aan hun studie –m.i.v. les volgen- te besteden. 27% van de studenten heeft ook een job tijdens het academiejaar. Gemiddeld werken deze studenten zo’n 4 uur per week naast hun studie. Ze verdienen hierbij gemiddeld ca. 10,95 euro per uur. ca. 30% van deze studenten meent deze job uit te oefenen om de studies te kunnen betalen. -De internationale mobiliteit van de studenten: Slechts 9% van de studenten uit de hogescholen en 15% van de universiteitstudenten volgt een stage of een deel van de opleiding in het buitenland. -De inkomsten en uitgaven van de studenten hoger onderwijs: de hoogste kostenposten zijn de afbetaling of huur van hun eigen woning of kot. Zo bedraagt de huurprijs van een kot of peda bijvoorbeeld resp. 270 en 197 euro. -Tot slot worden de studenten vergeleken met hun collega’s uit andere Europese landen. Opvallend is dat de Vlaamse studenten in vergelijking met hun Europese collega’s relatief jong zijn. Ook hebben weinig studenten in vergelijking met de andere Europese studenten een job naast hun studie. In Vlaanderen heeft bijna de helft van de studenten een vader die beschikt over een diploma hoger onderwijs. In andere landen is dit percentage lager. Uiteraard dient dit cijfer bekeken te worden in vergelijking met het opleidingsniveau van de bevolking van een land. Deze cijfers zijn niet opgenomen in het rapport. Ook ligt het percentage studenten dat naar het buitenland trekt in Vlaanderen iets lager in vergelijking met de andere Europese landen. Dat studenten van laagopgeleide ouders minder vaak naar het buitenland gaan dan van hoogopgeleide ouders is niet alleen in Vlaanderen, maar in de meeste Europese landen het geval.

Onderwijsniveau
hoger onderwijs
Thema
Ad hoc
Documenten