Loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof

  • referentie
    PERS/2020/02
  • publicatiedatum
    22/05/2020
  • datum laatste wijziging
    22/05/2020
  • wettelijke basis
    Besluit van de Vlaamse Regering van 9 september 2011 betreffende de loopbaanonderbreking van de personeelsleden van het onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding
  • wettelijke basis
    Koninklijk besluit nr. 23 van 13 mei 2020 tot uitvoering van artikel 5, § 1, 5°, van de wet van 27 maart 2020 die machtiging verleent aan de Koning om maatregelen te nemen in de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19 (II) houdende het corona ouderschapsverlof
  • contactpersoon
    Uw werkstation,
  • In deze omzendbrief vindt u alle details over het corona-ouderschapsverlof voor de personeelsleden van het onderwijs.

1. Waarover gaat deze omzendbrief?

Deze omzendbrief gaat over het corona-ouderschapsverlof. Met ingang van 1 mei 2020 voerde de federale ministerraad het corona-ouderschapsverlof in. Dit corona-ouderschapsverlof biedt aan de personeelsleden een bijkomende mogelijkheid om tijdens de periode van 1 mei 2020 tot en met 30 juni 2020 de arbeidsprestaties te verminderen of een lopend ouderschapsverlof om te zetten in een corona-ouderschapsverlof. Op 8 mei besliste de Vlaamse Regering principieel om deze vorm van ouderschapsverlof ook mogelijk te maken voor de personeelsleden van het onderwijs. In deze omzendbrief wordt verduidelijkt hoe het corona-ouderschapsverlof kan worden opgenomen.

2. Wie kan een loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof nemen?

2.1. Personeelscategorieën

Volgende personeelscategorieën hebben recht op loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof:

2.1.1. Statutaire personeelsleden

1° de personeelsleden, vermeld in artikel 2, §1, van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs;

2° de personeelsleden, vermeld in artikel 4, §1, van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding;

3° de leden van de inspectie, vermeld in artikel 61 van het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs;

4° de personeelsleden, vermeld in artikel 10 van het decreet van 1 december 1993 betreffende de inspectie en de begeleiding van de levensbeschouwelijke vakken;

5° de personeelsleden, vermeld in artikel 3 van het decreet van 7 juli 2017 betreffende de rechtspositie van de personeelsleden in de basiseducatie.

2.1.2. Contractuele personeelsleden

Contractuele personeelsleden uit het onderwijs kunnen eveneens een loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof nemen op basis van het KB van 12 augustus 1991 en het BVR van 9 september 2011. Deze omzendbrief is op hen van toepassing.

Contractuele personeelsleden die met eigen werkingsmiddelen zijn aangesteld in het vrij gesubsidieerd onderwijs vallen niet onder het toepassingsgebied.

2.2. Welke ouders kunnen corona-ouderschapsverlof nemen?

Het corona-ouderschapsverlof kan worden genomen:

  • naar aanleiding van de geboorte van een kind tot het kind twaalf jaar wordt;
  • naar aanleiding van de adoptie van een kind, gedurende een periode die loopt vanaf de inschrijving van het kind als deel uitmakend van het gezin in het bevolkingsregister of in het vreemdelingenregister van de gemeente waar het personeelslid zijn verblijfplaats heeft, en dit uiterlijk tot het kind twaalf jaar wordt.
  • door een pleegouder aangesteld als pleegouder door de rechtbank, door een door de gemeenschap erkende dienst voor pleegzorg, door de diensten van l’Aide à la Jeunesse of door het Comité Bijzondere Jeugdbijstand, en dit uiterlijk tot het kind twaalf jaar wordt.

De leeftijdsgrens wordt vastgesteld op 21 jaar in plaats van 12 jaar als het kind een gehandicapt kind is.

Er is geen leeftijdsgrens als een kind of volwassene met een handicap opgevangen wordt door zijn ouders als hij geniet van een intramurale of extramurale dienstverlening of behandeling georganiseerd of erkend door de Gemeenschappen.

Onder kind of volwassene met een handicap wordt verstaan:

  • de persoon als dusdanig ingeschreven bij het “Agence wallonne pour l’Intégration des Personnes handicapées”, bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, bij de “Service bruxellois francophone des Personnes handicapées” of bij de “Dienststelle für Personen mit Behinderung”;
  • de persoon die een inkomensvervangende tegemoetkoming of een integratietegemoetkoming geniet op basis van de wet van 27 februari 1987 houdende tegemoetkomingen aan personen met een handicap;
  • de persoon die in het bezit is van een attest afgeleverd door de Algemene Directie Personen met een Handicap van de Federale overheidsdienst sociale Zekerheid voor het verstrekken van sociale en fiscale voordelen;
  • het slachtoffer van een arbeidsongeval of van een beroepsziekte die het bewijs kan voorleggen van een blijvende arbeidsongeschiktheid van ten minste 66 % afgeleverd door het Federaal agentschap voor beroepsrisico’s of de bevoegde geneeskundige dienst in het kader van de wet van 3 juli 1967 betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector of in een gelijkwaardig stelsel;
  • het slachtoffer van een ongeval van gemeen recht dat het bewijs kan voorleggen van een blijvende ongeschiktheid van ten minste 66 % naar aanleiding van een gerechtelijke beslissing;
  • de persoon die in het bezit is van een attest van blijvende invaliditeitserkenning afgeleverd door zijn verzekeringsinstelling of door het RIZIV.

3. Wat is het?

De personeelsleden hebben de mogelijkheid om hun beroepsloopbaan gedeeltelijk te onderbreken om een loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof op te nemen. Wie al een gewone loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof heeft, kan die omzetten of kan tijdelijk overstappen naar het corona-ouderschapsverlof (zie verder punt 12).

In vergelijking met de gewone loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof krijgt het personeelslid bij het corona-ouderschapsverlof een hogere uitkering. Bovendien tellen periodes van corona-ouderschapsverlof niet mee voor het totale recht op loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof, zoals vermeld in punt 9 van de omzendbrief over loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof.

4. Recht of gunst?

De loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof is een gunst. Het bevoegd bestuur kan het corona-ouderschapsverlof weigeren. Het is de werkgever die beslist of het personeelslid dit verlof al dan niet mag opnemen. Bij het nemen van deze beslissing houdt de werkgever onder andere rekening met de eventuele impact van de afwezigheid op de schoolorganisatie.

5. Hoe kan de loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof worden opgenomen?

5.1. Volume

Het corona-ouderschapsverlof in het kader van de loopbaanonderbreking kan worden genomen:

- ofwel als een halftijdse loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof. Opgelet: in tegenstelling tot bij de gewone loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof, moet het personeelslid in dat geval belast zijn met een of meer betrekkingen die samen ten minste 75% van het aantal prestatie-eenheden omvatten die vereist zijn voor een ambt met volledige prestaties;

- ofwel als een loopbaanonderbreking met een vijfde voor corona-ouderschapsverlof. In dit geval moet het personeelslid een ambt met volledige prestaties uitoefenen.

5.1.1. Halftijdse loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof

Wie een halftijdse loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof neemt, moet

  • voor de aanvang van het corona-ouderschapsverlof belast zijn met een of meer betrekkingen die samen ten minste 75% van het aantal prestatie-eenheden omvatten die vereist zijn voor een ambt met volledige prestaties;
  • tijdens het corona-ouderschapsverlof één of meer betrekkingen blijven uitoefenen die samen de helft van het aantal prestatie-eenheden omvatten die vereist zijn voor een ambt met volledige prestaties. De nog te verrichten prestaties moeten altijd worden afgerond naar de hogere eenheid, naar gelang van het geval, tot een volledige lestijd of tot een volledig uur.

Voorbeeld 1

Een personeelslid is 14/20 vastbenoemd en 4/20 tijdelijk. Het kan een halftijdse loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof nemen. Daarbij zijn verschillende mogelijkheden:

  • Het kan een halftijdse loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof nemen voor 8/20 vastbenoemde uren en het blijft 6/20 van de vastbenoemde uren en 4/20 van de tijdelijke uren presteren.
    • Het kan een halftijdse loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof nemen voor 4/20 vastbenoemde uren en voor 4/20 tijdelijke uren en het blijft 10/20 van de vastbenoemde uren presteren.

Voorbeeld 2

Een tijdelijk personeelslid heeft een opdracht van 13/20. Het wil corona-ouderschapsverlof opnemen gedurende de maand juni. Dat is niet mogelijk, want het personeelslid is voor de aanvang van het corona-ouderschapsverlof niet belast met een betrekking die samen ten minste 75% van het aantal prestatie-eenheden omvat die vereist zijn voor een ambt met volledige prestaties.

5.1.2. Loopbaanonderbreking met een vijfde voor corona-ouderschapsverlof

Wie een loopbaanonderbreking met een vijfde voor corona-ouderschapsverlof neemt, moet

  • aangesteld zijn in een ambt met volledige prestaties;
  • een of meer betrekkingen blijven uitoefenen die samen vier vijfde van het aantal prestatie-eenheden omvatten die vereist zijn voor een ambt met volledige prestaties. De nog te verrichten prestaties moeten altijd worden afgerond naar de hogere eenheid, naar gelang van het geval, tot een volledige lestijd of tot een volledig uur.

Voorbeeld 1

Een personeelslid is 14/20 vastbenoemd en 4/20 tijdelijk. Het kan geen loopbaanonderbreking met een vijfde voor corona-ouderschapsverlof nemen, omdat het personeelslid geen ambt met volledige prestaties uitoefent.

Voorbeeld 2

Een personeelslid is 10/20 vastbenoemd en 10/20 tijdelijk. Het kan een loopbaanonderbreking met een vijfde voor corona-ouderschapsverlof nemen. Daarbij zijn verschillende mogelijkheden:

  • Het personeelslid neemt voor 4/20 van de vastbenoemde uren loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof en blijft 6/20 van de vastbenoemde uren en 10/20 van de tijdelijke uren presteren.
  • Het personeelslid neemt voor 2/20 van de vastbenoemde uren en voor 2/20 van de tijdelijke uren loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof en blijft 8/20 van de tijdelijke uren en 8/20 van de vastbenoemde uren presteren.

5.1.3. Bijzonderheden met betrekking tot de prestaties bij loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof

5.1.3.1. Het personeelslid is ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking

Het aantal prestatie-eenheden waarvoor het personeelslid op basis van het besluit van de Vlaamse Regering van 29 april 1992 betreffende de verdeling van betrekkingen, de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking, de reaffectatie, de wedertewerkstelling en de toekenning van een wachtgeld of wachtgeldtoelage, ter beschikking is gesteld wegens ontstentenis van betrekking en waarvoor het niet gereaffecteerd of wedertewerkgesteld is, kan zowel in aanmerking worden genomen als prestatie-eenheden waarop het verlof voor verminderde prestaties genomen kan worden, als als prestatie-eenheden die het personeelslid nog moet blijven uitoefenen.

Als het personeelslid ter beschikking gesteld is wegens gedeeltelijke ontstentenis van betrekking op het ogenblik dat het de arbeidsprestaties vermindert, worden eerst de prestatie-eenheden in aanmerking genomen waarvoor het personeelslid ter beschikking gesteld is wegens ontstentenis van betrekking en waarvoor het niet gereaffecteerd of wedertewerkgesteld is, en vervolgens de prestatie-eenheden waarvoor het wel gereaffecteerd of wedertewerkgesteld is in een niet-organieke betrekking. De opname van een loopbaanonderbreking doet op geen enkele manier afbreuk aan de reaffectatieverplichtingen van het schoolbestuur/de scholengemeenschap.

5.1.3.2. Het personeelslid presteert in een hogeschool

Bij de opname van een loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof wordt eveneens rekening gehouden met de prestaties in instellingen voor hoger onderwijs.

Concreet betekent dat dat de prestaties geleverd in hogescholen mee in aanmerking genomen worden voor het vaststellen van:

- de prestaties die het personeelslid moet blijven uitoefenen in geval van een halftijdse loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof of loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof met een vijfde;

- het opdrachtvolume waarvoor het personeelslid de loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof neemt.

Voorbeeld 1

Een personeelslid oefent een opdracht uit van 10/20 in het secundair onderwijs + 50% in een hogeschool.

Mogelijkheden voor corona-ouderschapsverlof :

- Halftijds corona-ouderschapsverlof is mogelijk: verschillende combinaties zijn mogelijk, zolang het personeelslid exact de helft van een fulltime opdracht blijft presteren, bv. :

  • 10/20 (sec. ond.) LBOOV en 50 % (hogescholen) presteren;
  • 50% (hogescholen) LBOOV en 10/20 (sec. ond.) presteren;
  • 5/20 (sec. ond.) + 25% (hogescholen LBOOV en 5/20 (sec. ond.) + 25% (hogescholen) presteren;
  • 3/20 (sec. ond.) + 35% (hogescholen) HLBO en 7/20 (sec. ond.) + 15% (hogescholen) presteren;
  • enz. ...

- 1/5de corona-ouderschapsverlof is mogelijk: verschillende combinaties zijn mogelijk, zolang het personeelslid exact vier vijfde van een fulltime opdracht blijft presteren, bv.:

  • 4/20 (sec. ond.) LBOOV en 6/20 (sec.ond.) + 50% (hogeschool) blijven presteren;
  • 20% (hogeschool) LBOOV en 10/20 (sec. ond.) + 30% (hogeschool) blijven presteren;
  • enz.

Voorbeeld 2

Een personeelslid oefent een opdracht uit van 6/20 in het secundair onderwijs + 50% in de hogeschool.

- Halftijds corona-ouderschapsverlof is mogelijk: verschillende combinaties zijn mogelijk, zolang het personeelslid exact de helft van een fulltime opdracht blijft presteren, bv. :

  • 6/20 (sec. ond.) LBOOV en 50% (hogeschool) presteren;
  • 30% (hogeschool) LBOOV en 20% (hogeschool) + 6/20 (sec. ond.) presteren;
  • 10% (hogeschool) + 4/20 (sec. ond.) LBOOV en 40% (hogeschool) + 2/20 (sec. ond.) presteren;
  • enz. ...

- 1/5de corona-ouderschapsverlof is niet mogelijk, aangezien het personeelslid geen fulltime betrekking uitoefent.

5.1.3.3. Het personeelslid oefent elders prestaties uit die gelijkgesteld worden met prestaties in onderwijs

Voor het bepalen van de wekelijkse prestaties die moeten verricht worden bij een halftijds corona-ouderschapsverlof of een corona-ouderschapsverlof met vier vijfde, worden eveneens in aanmerking genomen:

1° de prestaties, verstrekt door personeelsleden met verlof wegens bijzondere opdracht of verlof wegens opdracht als vermeld in artikel 51quater, § 2 en § 3, van het decreet rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs van 27 maart 1991, artikel 77quater, § 2 en § 3 van het decreet rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs van 27 maart 1991 en van hoofdstuk 12, afdeling 2, van het decreet van 7 juli 2017 betreffende de rechtspositie van de personeelsleden in de basiseducatie;

2° de prestaties, verstrekt door de personeelsleden met verlof wegens vakbondsopdracht, vermeld in artikel 17 van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel en artikel 77 van het koninklijk besluit van 28 september 1984 tot uitvoering van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel;

3° de prestaties, verstrekt in het kader van de begeleiding en ondersteuning van de scholen en de centra voor leerlingenbegeleiding bij de implementatie van het decreet van 28 juni 2002 betreffende gelijke onderwijskansen I, vermeld in artikel VI.21 van dit decreet;

4° de prestaties, verstrekt ten behoeve van in de wetgevende vergaderingen van de Staat en van de gemeenschappen of de gewesten erkende politieke groepen, respectievelijk ten behoeve van de voorzitters van die groepen, vermeld in artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 december 1991 betreffende het verlof dat aan de personeelsleden van het onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding wordt verleend voor het verrichten van bepaalde prestaties ten behoeve van in de wetgevende vergaderingen van de Staat en van de gemeenschappen of de gewesten erkende politieke groepen, respectievelijk ten behoeve van de voorzitters van die groepen;

5° de prestaties, verstrekt door de personeelsleden met verlof, vermeld in artikel 2 van het koninklijk besluit van 21 november 1980 betreffende het verlof toegekend aan bepaalde, ter beschikking van de Koning gestelde personeelsleden van de Rijksdiensten;

6° de prestaties, verstrekt door personeelsleden in een ministerieel kabinet van een lid van een gemeenschaps- of gewestregering, van een lid van de federale regering of van een gewestelijk staatssecretaris, en bij een secretariaat, de cel algemene beleidscoördinatie en een cel algemeen beleid bij een lid van de federale regering, vermeld in artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 28 juli 1995 betreffende het verlof om een ambt uit te oefenen in een ministerieel kabinet van een lid van een gemeenschaps- of gewestregering, van een lid van de federale regering of van een gewestelijk staatssecretaris, en bij een secretariaat, de cel algemene beleidscoördinatie en een cel algemeen beleid bij een lid van de federale regering door personeelsleden van het onderwijs en van de centra voor leerlingenbegeleiding;

7° de prestaties, verstrekt door personeelsleden als medewerker, door een regeringslid ter beschikking gesteld van zijn voorganger, vermeld in artikel 8, derde lid, van het koninklijk besluit van 19 juli 2001 betreffende de invulling van de beleidsorganen van de federale overheidsdiensten en betreffende de personeelsleden van de federale overheidsdiensten aangewezen om deel uit te maken van een kabinet van een lid van een regering of van een college van een gemeenschap of een gewest;

8° de prestaties, verstrekt door een personeelslid ter ondersteuning van het college van commissarissen van de Vlaamse Regering bij de hogescholen, vermeld in artikel 245, §2, van het decreet van 13 juli 1994 betreffende de hogescholen in de Vlaamse Gemeenschap;

9° de prestaties, verstrekt door de personeelsleden met verlof vermeld in artikel 166, §1, van het decreet Basisonderwijs van 25 februari 1997;

10° de prestaties, verstrekt door de personeelsleden met verlof, vermeld in artikel 53 van het decreet van 5 april 1995 tot oprichting van de onderhandelingscomités in het vrij gesubsidieerd onderwijs;

11° de prestaties, verstrekt door de personeelsleden met verlof, vermeld in artikel 156 van het decreet van 14 juli 1998 houdende diverse maatregelen met betrekking tot het secundair onderwijs en tot wijziging van het decreet van 25 februari 1997 betreffende het basisonderwijs;

12° de prestaties, verstrekt door personeelsleden belast met een opdracht aan een hogeschool, vermeld in artikel 2, 39°, van het decreet van 13 juli 1994 betreffende de hogescholen in de Vlaamse Gemeenschap. De ambten, uitgeoefend in de hogescholen, worden steeds beschouwd als hoofdambt.

5.2. Duur

5.2.1. Principe

De opname van het corona-ouderschapsverlof gebeurt met een periode van één kalendermaand of een veelvoud daarvan. Als de opname van een corona-ouderschapverlof met een kalendermaand niet mogelijk is, dan kan het personeelslid de resterende duur corona-ouderschapsverlof opnemen.

Onder kalendermaand moet worden begrepen: de volledige maand mei of de volledige maand juni.

Voorbeeld 1

Een personeelslid wil corona-ouderschapsverlof nemen van 18 mei tot 30 juni.

Voor mei is geen volledige kalendermaand meer mogelijk. Daarom kan het personeelslid voor mei een periode voor een onvolledige maand aanvragen.

Voor juni moet het personeelslid dan wel de volledige kalendermaand aanvragen.

Voorbeeld 2

Een personeelslid wil corona-ouderschapsverlof nemen van 18 mei tot 17 juni. Dat is niet mogelijk. Het personeelslid kan wel een aanvraag doen van 18 mei tot 31 mei.

5.2.2. Nieuwe aanvragen

Nieuwe aanvragen van corona-ouderschapsverlof, dat wil zeggen aanvragen van personeelsleden die voor de aanvraag geen ouderschapsverlof opnamen of van wie het ouderschapsverlof eindigde uiterlijk op 30 april 2020 of die tijdens het corona-ouderschapsverlof een ander volume willen opnemen dan tijdens hun gewone lopende ouderschapsverlof, kunnen ingaan vanaf 11 mei 2020. Dat is de datum die werd afgesproken op de Vlaamse Regering.

Voorbeeld 1

Een personeelslid heeft geen ouderschapsverlof en wil corona-ouderschapsverlof opnemen van 1 juni 2020 tot 30 juni 2020. Dat is mogelijk.

Voorbeeld 2

Een personeelslid werkt voltijds en wil corona-ouderschapsverlof opnemen van 18 mei 2020 tot 31 mei 2020 en wil het werk voltijds hervatten vanaf 1 juni. Dat is mogelijk, in de maand mei kan geen volledige kalendermaand meer opgenomen worden.

Voorbeeld 3

Een personeelslid heeft een loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof met een vijfde, maar wil overschakelen naar een halftijds corona-ouderschapsverlof van 18 mei 2020 tot 30 juni 2020. Dat is mogelijk.

5.2.3. Omzettingen van een bestaand ouderschapsverlof

Het is mogelijk:

  • een lopend halftijds ouderschapsverlof om te zetten naar een halftijds corona-ouderschapsverlof;
  • een lopend ouderschapsverlof met een vijfde om te zetten naar een corona-ouderschapsverlof met een vijfde

Zie verder punt 12.

Omzettingen van een bestaand ouderschapsverlof kunnen ingaan vanaf 1 mei 2020 en worden ook opgenomen per kalendermaand.

Voorbeeld

Een personeelslid heeft een halftijdse loopbaanonderbreking van 1 november 2019 tot en met 30 juni 2020. In dat geval kan het personeelslid de periode van 1 mei 2020 tot en met 30 juni 2020 laten omzetten naar corona-ouderschapsverlof.

6. Wat als het personeelslid een andere dienstonderbreking neemt?

Het ziekteverlof, het verlof voor verminderde prestaties wegens ziekte, het bevallingsverlof, het verlof voor verminderde prestaties wegens arbeidsongeval, de afwezigheid wegens arbeidsongeval, wegens ongeval op weg naar en van het werk, wegens beroepsziekte, de terbeschikkingstelling wegens ziekte, de afwezigheid wegens een bedreiging door een beroepsziekte en het verlof wegens moederschapsbescherming, maken geen einde aan de loopbaanonderbreking.

Andere dienstonderbrekingen dan de hierboven opgesomde kunnen niet gecombineerd worden met een loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof.

7. Wanneer begint de loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof?

Het corona-ouderschapsverlof is niet gebonden aan een vaste begindatum. Het moet wel ingaan in de periode tussen 1 mei en 30 juni 2020. Nieuwe aanvragen kunnen ingaan vanaf 11 mei 2020. Omzettingen van een lopend ouderschapsverlof kunnen met terugwerkende kracht ingaan vanaf 1 mei 2020.

8. Wanneer eindigt de loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof?

Het corona-ouderschapsverlof eindigt op de laatste dag van de aangevraagde periode. Dat is ten laatste op 30 juni 2020.

Voor tijdelijke personeelsleden die corona-ouderschapsverlof nemen in het kader van de loopbaanonderbreking, eindigt dat verlof alleszins op het ogenblik dat hun aanstelling eindigt.

9. Wanneer kan de loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof genomen worden?

Het corona-ouderschapsverlof kan genomen worden van 1 mei 2020 tot en met 30 juni 2020 voor de personeelsleden die hun huidige loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof omzetten naar corona-ouderschapsverlof en hetzelfde volume van onderbreking houden. Nieuwe aanvragen kunnen starten vanaf 11 mei 2020.

10. Wat is de administratieve stand van het personeelslid?

Tijdens de onderbreking van zijn beroepsloopbaan is het personeelslid met verlof. Dat verlof wordt voor het overige met een periode van dienstactiviteit gelijkgesteld. Dat houdt in dat die periode in aanmerking komt voor de vaststelling van de administratieve en geldelijke anciënniteit.

11. Hoeveel bedraagt het salaris?

Het personeelslid ontvangt geen salaris voor de prestaties waarvoor het corona-ouderschapsverlof neemt. Het krijgt wel een onderbrekingsuitkering van de RVA. Deze uitkering is hoger dan de uitkering voor een gewone loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof.

Alle info over de onderbrekingsuitkeringen vindt u op de website van de RVA.

12. Omzetting of overstap van een lopende periode van loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof naar corona-ouderschapsverlof

Een personeelslid dat in een lopende periode van loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof zit, kan overstappen naar een corona-ouderschapsverlof. Er hoeft geen aanvraag voor voortijdige beëindiging ingediend worden. Een elektronische zending volstaat.

Let op: het personeelslid moet bij een omzetting van een lopend ouderschapsverlof of een overstap naar een ander volume wel voldoen aan de voorwaarden voor opname van het corona-ouderschapsverlof.

12.1. Het volume van de lopende periode van ouderschapsverlof blijft hetzelfde

Een personeelslid dat momenteel zijn loopbaan gedeeltelijk onderbreekt voor ouderschapsverlof tot een halftijdse betrekking of zijn loopbaan gedeeltelijk onderbreekt voor ouderschapsverlof door zijn prestaties te verminderen met een vijfde, kan, met akkoord van het bevoegd bestuur, dat lopende ouderschapsverlof omzetten in het corona-ouderschapsverlof. Het volume blijft in dat geval ongewijzigd, maar de periode wordt omgezet naar corona-ouderschapsverlof en het personeelslid krijgt een hogere uitkering.

Let op: het personeelslid moet bij een omzetting van een lopend ouderschapsverlof wel voldoen aan de voorwaarden voor opname van het corona-ouderschapsverlof. In geval van een omzetting van een halftijdse loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof naar een halftijds corona-ouderschapsverlof moet het personeelslid dus belast zijn met een of meer betrekkingen die samen ten minste 75% van het aantal prestatie-eenheden omvatten die vereist zijn voor een ambt met volledige prestaties. Ook aan de andere voorwaarden zoals leeftijd van het kind moet voldaan zijn.

Als het ouderschapsverlof een voorziene duurtijd heeft die langer is dan die van het corona-ouderschapsverlof, dan wordt het ouderschapsverlof onmiddellijk na afloop van het corona-ouderschapsverlof hernomen tot de oorspronkelijk aangevraagde einddatum.

De periode waarin het ouderschapsverlof wordt omgezet in een corona-ouderschapsverlof wordt niet aangerekend voor de maximale duur van het ouderschapsverlof. De omgezette maanden van de gewone loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof kunnen later worden opgenomen, ook als deze resterende duur niet voldoet aan de minimale duur van het verlof. Ze moeten niet aansluiten op de lopende loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof of op het corona-ouderschapsverlof.

Voorbeeld

Een vastbenoemd personeelslid heeft een loopbaanonderbreking met één vijfde voor ouderschapsverlof aangevraagd van 1 september 2019 tot 30 april 2021. Het personeelslid laat met goedkeuring van het bevoegd bestuur de periode van 1 mei 2020 tot en met 31 mei 2020 omzetten naar een corona-ouderschapsverlof met één vijfde. Vervolgens laat hij de periode van 1 juni 2020 tot en met 30 juni 2020 eveneens omzetten naar een corona-ouderschapsverlof met één vijfde. Vanaf 1 juli 2020 loopt zijn gewone loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof met één vijfde verder tot en met 30 april 2021. Het personeelslid spaart twee maanden gewoon ouderschapsverlof op en kan die op een later tijdstip opnemen.

12.2. Het volume van de lopende periode van ouderschapsverlof verandert

Een personeelslid dat momenteel zijn loopbaan volledig onderbreekt voor ouderschapsverlof of zijn loopbaan gedeeltelijk onderbreekt voor ouderschapsverlof tot een halftijdse betrekking of zijn loopbaan gedeeltelijk onderbreekt voor ouderschapsverlof door zijn prestaties te verminderen met een vijfde, kan, met akkoord van het bevoegd bestuur, overstappen naar corona-ouderschapsverlof. In dat geval wenst het personeelslid een ander volume dan dat van zijn lopende ouderschapsverlof en doet het een nieuwe aanvraag voor corona-ouderschapsverlof.

Als het ouderschapsverlof een voorziene duurtijd heeft die langer is dan die van het corona-ouderschapsverlof, dan wordt het ouderschapsverlof onmiddellijk na afloop van het corona-ouderschapsverlof hernomen tot de oorspronkelijk aangevraagde einddatum.

De periode waarin het ouderschapsverlof tijdelijk wordt opgeschort voor de opname van het corona-ouderschapsverlof wordt niet aangerekend voor de maximale duur van het ouderschapsverlof. De uitgespaarde periode van de gewone loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof kan later worden opgenomen, ook als deze resterende duur niet voldoet aan de minimale duur van het verlof. De periode moet niet aansluiten op de lopende loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof of op het corona-ouderschapsverlof.

Voorbeeld 1

Een personeelslid heeft een loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof met een vijfde van 1 september 2019 tot en met 30 juni 2020. Het wil in de periode van 18 mei 2020 tot en met 31 mei 2020 liever halftijds ouderschapsverlof opnemen. Het personeelslid vraagt na akkoord van het bevoegd bestuur halftijds corona-ouderschapsverlof voor de periode van 18 mei tot en met 31 mei. In de maand juni loopt zijn gewone loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof met een vijfde verder. De gewone periode van ouderschapsverlof die liep van 18 tot en met 31 mei, kan op een later tijdstip worden opgenomen.

Voorbeeld 2

Een tijdelijk personeelslid heeft een aanstelling van 1 september 2019 tot 31 augustus 2020. Het heeft ouderschapsverlof opgenomen met een vijfde tijdens dat schooljaar. Het personeelslid kon slechts twaalf maanden ouderschapsverlof aanvragen op 1 september 2019. Het wil in de periode van 11 mei 2020 tot en met 30 juni 2020 liever halftijds ouderschapsverlof opnemen. Het personeelslid vraagt na akkoord van het bevoegd bestuur een halftijds corona-ouderschapsverlof voor de periode van 11 mei 2020 tot en met 30 juni 2020.

Vanaf 1 juli 2020 loopt zijn gewone loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof met een vijfde verder. Het krijgt opnieuw een voltijdse aanstelling op 1 september 2020 voor een volledig schooljaar. In dat geval kan het personeelslid op 1 september 2020 opnieuw ouderschapsverlof opnemen met een vijfde voor de resterende periode. Het personeelslid doet bijgevolg een tweede aanvraag voor ouderschapsverlof vanaf 1 september 2020 tot en met 30 april 2021.

De uitgespaarde periode van 11 mei 2020 tot en met 30 juni 2020 kan op een later tijdstip genomen worden.

13. Overstap van een andere dienstonderbreking naar corona-ouderschapsverlof

Als een personeelslid wenst over te stappen vanuit een andere dienstonderbreking dan een loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof, dan moet dat gebeuren overeenkomstig de daar voorziene modaliteiten van vervroegde stopzetting.

Die personeelsleden kunnen ten vroegste vanaf 11 mei overstappen naar het corona-ouderschapsverlof.

14. Procedure

14.1. Aanvraag bij het bevoegd bestuur

Het personeelslid dat zijn loopbaan wenst te onderbreken voor corona-ouderschapsverlof, doet een aanvraag bij zijn bevoegd bestuur. Ook de omzetting of schorsing van een lopend ouderschapsverlof wordt aangevraagd bij het bevoegd bestuur. Dat is:

1° de inrichtende macht of het schoolbestuur voor de personeelsleden, vermeld in punt 2.1.1., 1°, en 2°;

2° de inspecteur-generaal voor de inspecteur en de coördinerend inspecteur;

3° de Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, of zijn gemachtigde, voor de inspecteur-generaal en voor de personeelsleden vermeld in punt 2.1, 4°.

4° het centrumbestuur voor de personeelsleden van de centra voor basiseducatie.

Het personeelslid brengt ten minste drie werkdagen op voorhand zijn werkgever hiervan schriftelijk op de hoogte. In akkoord met de werkgever kan ook altijd een kortere termijn dan drie werkdagen toegepast worden.

Bij die aanvraag moeten de begin- en einddatum van het corona-ouderschapsverlof worden vermeld.

De aanvraag gebeurt praktisch met een formulier “Aanvraag van corona-ouderschapsverlof”. Het personeelslid vult deel I van het formulier in, het bevoegd bestuur deel II.

Het personeelslid geeft op het formulier “Aanvraag van corona-ouderschapsverlof” de datum op waarop het de loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof wil laten starten, evenals de duur ervan en het volume.

14.2. Toestemming van het bevoegd bestuur

Het bevoegd bestuur geeft het personeelslid schriftelijk zijn akkoord binnen een termijn van maximaal drie werkdagen na aanvraag en in ieder geval ten laatste voor de aanvang van het corona-ouderschapsverlof.

Hij geeft binnen dezelfde termijn zijn akkoord met de omzetting van het ouderschapsverlof in corona-ouderschapsverlof of met de schorsing van het ouderschapsverlof.

Het invullen en overhandigen van het formulier “Aanvraag van corona-ouderschapsverlof” geldt als formele en definitieve toestemming vanwege de inrichtende macht of de Vlaamse Regering.

Opmerking:

Als het betrokken personeelslid tegelijkertijd een loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof neemt bij verschillende inrichtende machten, moet het door elk van hen een formulier laten invullen.

14.3. Indiening formulier bij de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening

14.3.1. Formulier

Ieder personeelslid dat een loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof opneemt, moet een formulier “Aanvraag van corona-ouderschapsverlof” indienen bij het plaatselijk RVA-kantoor. Elektronische aanvragen zijn niet mogelijk voor de personeelsleden van het onderwijs.

Het formulier geldt als aanvraag voor de onderbrekingsuitkeringen. Bij het formulier moeten geen documenten worden toegevoegd. Je moet alle attesten rond de handicap, de adoptie of de pleegzorg wel ter beschikking houden van de RVA.

-Voor adoptieouders gaat het om een attest van de adoptie.

-Voor de pleegouders gaat om de bewijzen van plaatsing door de rechtbank of door een door de gemeenschap erkende dienst.

Bij een omzetting of een overstap van een lopend ouderschapsverlof naar een corona-ouderschapsverlof, moet hetzelfde formulier gebruikt worden. Dit RVA zet de lopende periode dan automatisch tijdelijk ‘on hold’. Na afloop van het corona-ouderschapsverlof loopt het gewone ouderschapsverlof automatisch verder als de einddatum daarvan later is dan die van het corona-ouderschapsverlof. Er moet dus geen melding gebeuren na afloop van het corona-ouderschapsverlof.

Opmerking:

Als het betrokken personeelslid tegelijkertijd een loopbaanonderbreking krijgt bij verschillende inrichtende machten, moet het door elk van hen ingevulde formulier gelijktijdig ingediend worden bij de RVA.

14.3.2. Verzending bij aangetekende brief

Het betrokken personeelslid draagt de verantwoordelijkheid voor het indienen van de uitkeringsaanvraag en van de bijlagen ervan. Hij heeft er dus alle belang bij de documenten na te kijken.

Als het formulier ingevuld en ondertekend is, moet het aangetekend worden verzonden naar het plaatselijk RVA-kantoor.

Elektronische aanvragen van een loopbaanonderbreking in het onderwijs zijn niet mogelijk.

De RVA aanvaardt ook gewone zendingen, maar in geval van betwisting ligt de bewijslast van de verzending van de aanvraag bij het personeelslid.

14.3.3. Beslissing van de RVA

De RVA deelt zijn beslissing over de aangevraagde loopbaanonderbreking mee met het formulier C 62.

Als een personeelslid een aanvraag tot loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof heeft ingediend en die periode van loopbaanonderbreking al is begonnen, is het mogelijk dat nadien blijkt dat het personeelslid geen recht heeft op het corona-ouderschapsverlof:

- hetzij op basis van een beslissing van de RVA;

- hetzij op basis van de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 9 september 2011 betreffende de loopbaanonderbreking van de personeelsleden van het onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding, die verduidelijkt zijn in deze omzendbrief.

14.4. Omzetting naar een ander verlofstelsel

Als bij beslissing van de RVA aan een personeelslid dat zijn beroepsloopbaan heeft onderbroken, het recht op loopbaanonderbreking wordt ontzegd, moet:

- het college van directeurs van het gemeenschapsonderwijs;

- de inrichtende macht in het gesubsidieerd onderwijs en in de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding,

hiervan het/de bevoegde werkstation(s) van het Agentschap voor Onderwijsdiensten en/of het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs, Kwalificatie en Studietoelagen onmiddellijk op de hoogte brengen, met vermelding van de datum waarop de beslissing ingaat.

Het verlof van een personeelslid dat zijn loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapverlof opneemt, maar geen recht heeft op de loopbaanonderbreking, wordt, met ingang van de datum waarop het verlof niet meer aan de voorwaarden voldoet, ambtshalve omgezet in een volledige of gedeeltelijke afwezigheid voor verminderde prestaties.

In dat laatste geval mag de duur overschreden worden van de afwezigheid voor verminderde prestaties waarop het personeelslid aanspraak kan maken krachtens de reglementaire bepalingen die ter zake op hem van toepassing zijn. De afwezigheid neemt alleszins een einde bij het verstrijken van de lopende periode waarvoor een loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof was aangevraagd.

14.5. Formaliteiten t.o.v. de onderwijsadministratie

14.5.1. Mededeling

Een loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof deelt u via de volgende codes mee aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten en/of het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs, Kwalificaties en Studietoelagen :

Codes loopbaanonderbrekingen voor corona-ouderschapsverlof:

Codes loopbaanonderbrekingen voor corona-ouderschapsverlof 

Code 

Dienstonderbreking 

bereik 

RL 

Begindatum 

Einddatum 

232  

Halftijdse loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof  

O  

1 en 12  

01-05-2020  

30-06-2020  

233  

Gedeeltelijke loopbaanonderbreking met 1/5 de voor corona-ouderschapsverlof  

O  

1 en 12  

01-05-2020  

30-06 - 2020  

O = opdrachtgebonden

Het personeelslid kan het formulier C62 terugvinden in zijn elektronisch dossier op de website van de RVA. Het bezorgt een kopie aan de school, zodat kan geverifieerd worden of de ingediende aanvraag effectief is goedgekeurd.

De verantwoordingsstukken bij de aanvraagformulieren bij een loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof blijven ter beschikking bij het personeelslid en moet u dus niet naar het Agentschap voor Onderwijsdiensten en/of het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs, Kwalificaties en Studietoelagen verzenden.

Indien er zich later wijzigingen (bv. type, volume, duur…) in de loopbaanonderbreking voordoen, deelt u die onmiddellijk mee aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten en/of het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs, Kwalificaties en Studietoelagen.

Bij een omzetting of overstap van een bestaand ouderschapsverlof naar een corona-ouderschapsverlof moet eerst het “gewone” ouderschapsverlof worden geannuleerd en vervangen worden door het corona-ouderschapsverlof.

Beide ouderschapsverloven mogen niet overlappen.

Voorbeeld 1:

Een vast benoemd personeelslid is met loopbaanonderbreking ouderschapsverlof 1/5 tot 30 april 2021.

Het personeelslid wil dit voor de periode van 1 juni 2020 tot en met 30 juni 2020 omzetten in een corona-ouderschapsverlof met 1/5.

De school stuurt een RL-1 corona-ouderschapsverlof (DO233) met begindatum 1 juni 2020 en einddatum 30 juni 2020.

Door het fotoprincipe wordt de oorspronkelijke DO 154 ouderschapsverlof automatisch ingekort t.e.m. 31 mei 2020.

Daarna stuurt de school terug een RL-1 loopbaanonderbreking ouderschapsverlof 1/5 (DO154) met begindatum 1 juli 2020 en einddatum 30 april 2021.

Voorbeeld 2:

Een vast benoemd personeelslid is met volledige loopbaanonderbreking ouderschapsverlof van 1 maart 2020 tot en met 30 juni 2020. Het personeelslid wil dat voor de periode van 1 mei 2020 tot en met 31 mei 2020 omzetten in een corona-ouderschapsverlof met 1/2.

De school stuurt een annulatie op van de volledige loopbaanonderbreking ouderschapsverlof (DO 097) van 1 maart 2020 tot en met 30 juni 2020. De school stuurt dan een nieuwe RL-2 met volledig ouderschapsverlof (DO 097) van 1 maart 2020 tot en met 30 april 2020.

Vervolgens stuurt de school een RL-1 corona-ouderschapsverlof (DO232) met begindatum 1 mei 2020 en einddatum 31 mei 2020.

Daarna stuurt de school terug een RL-2 volledige loopbaanonderbreking ouderschapsverlof (DO 097) met begindatum 1 juni 2020 en einddatum 30 juni 2020.

14.5.2. Mogelijke weigering van de loopbaanonderbreking voor corona-ouderschapsverlof door de onderwijsadministratie

Hoewel de onderwijsadministratie niet tussenkomt in de aanvraagprocedure, zal ze toch het verlof voor loopbaanonderbreking weigeren indien bij de behandeling van het dossier wordt vastgesteld dat de loopbaanonderbreking door de inrichtende macht/de Vlaamse Regering toegekend werd en door de R.V.A. aanvaard werd, met miskenning van de voorwaarden en basisprincipes die ter zake tot de bevoegdheid van de Vlaamse Gemeenschap behoren.

In voorkomend geval zal de weigering onmiddellijk schriftelijk en gemotiveerd meegedeeld worden aan:

- het betrokken personeelslid;

- de betrokken inrichtende macht(en)/de Vlaamse Regering;

- de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening.