Ondersteuning van leerlingen en studenten met een auditieve handicap in het gewoon basis-, secundair en hoger onderwijs

De aanvraag- en toekenningsprocedure voor tolkuren werd vanaf het school-/academiejaar 2015-2016 vereenvoudigd. Aanvragen kunnen vanaf 01/09/2015 ook in de loop van het school-/academiejaar ingediend worden. De limietdatum van 15 augustus voor de aanvragen verdwijnt.
Na een administratieve toelating om tolken te gebruiken voor het maximum aantal dat per onderwijsniveau wordt bepaald en rekening houdend met het totale aantal beschikbare tolkuren, worden de tolken VGT rechtstreeks aangevraagd bij het CAB (Vlaams Communicatie Assistentie Bureau voor Doven vzw).

Een medisch attest wordt slechts één maal tijdens de schoolloopbaan van de leerling of student bezorgd, en niet meer per onderwijsniveau.

Vanaf 1 september 2015 wijzigde ook de administratieve afhandeling betreffende schrijftolkondersteuning. Dit kadert binnen een stappenplan om de schrijftolkondersteuning in het onderwijs te verbeteren op het vlak van professionalisering en een betere afstemming tussen de vraag van leerlingen en studenten en het aanbod van schrijftolken te realiseren.
De vzw CAB staat al gedurende jaren in voor de bemiddeling en de uitbetaling van de tolkuren Vlaamse Gebarentaal en zal deze expertise in de toekomst ook stelselmatig aanwenden voor de schrijftolkondersteuning.

Vanaf 1 september 2016 zal het CAB ook instaan voor de actieve bemiddeling van schrijftolkopdrachten.

1. Doelgroep

Tot de doelgroep behoren de regelmatige leerlingen en studenten in het gewoon gefinancierd of gesubsidieerd basis-, secundair en hoger onderwijs met een auditieve handicap die:

a) via een tonaal audiometrische test een verlies aantonen van 70 dB of meer aan beide oren, voor de zuivere toon stimuli van 500, 1000 of 2000 Hz (gemiddelde waarde Fletcher-index) en/of een verlies van 70 dB of meer aan het beste oor voor de zuivere toon stimuli van 1000, 2000 en 4000 Hz (gemiddelde waarde).

b) bij een gemiddeld verlies van minder dan 70 dB via een vocaal audiometrische test minder dan 30% herkende woorden scoren bij optimale versterking (categorie 4 in de BIAP-classificatie).

De leerling of student moet voldoen aan de toelatingsvoorwaarden.

Om te weten of een GON-leerling als regelmatige leerling is ingeschreven in het gewoon onderwijs, zie de omzendbrief “Geïntegreerd onderwijs” (GD/2003/05).

2. Mogelijke ondersteuningsvormen

2.1. Het inschakelen van een tolk Vlaamse Gebarentaal en/of schrijftolk

2.1.1. Voorwaarden

De leerling of student kan ondersteuning krijgen van een tolk Vlaamse Gebarentaal, een schrijftolk of een combinatie van beiden.

Voor het basisonderwijs moet aangetoond worden dat de betrokken leerling voldoende de Vlaamse Gebarentaal beheerst of over voldoende leesvaardigheden beschikt om op een zinvolle manier van de ondersteuning door een tolk gebruik te maken. De begeleidende GON-school dient de betrokken leerling daartoe te testen. De GON-begeleider die de test afneemt bezorgt een verklaring op erewoord aan AgODi waarmee de voldoende kennis van de leerling bevestigd wordt.

De tolk Vlaamse Gebarentaal dient:

ofwel in het bezit te zijn van één van volgende diploma's, behaald aan een door de Vlaamse Gemeenschap erkende, gefinancierde of gesubsidieerde onderwijsinstelling:

- “Master in het tolken”waarbij VGT één van de talen is

- “Tolk voor Doven”

- “Tolk voor Doven - optie Tolk Vlaamse Gebarentaal”

ofwel erkend te zijn door het VAPH (voorheen Vlaams Fonds) op 1/1/2004.

De schrijftolk dient minimaal in het bezit te zijn van:

- ofwel een graad van bachelor, of een ermee gelijkgeschakelde graad (artikel 129 van het decreet van 4 april 2003) uitgereikt door een instelling van het hoger onderwijs (artikelen 7 en 8 van het decreet van 4 april 2003);

- ofwel een diploma van hoger onderwijs van één cyclus, behaald aan een door de Vlaamse Gemeenschap erkende, gefinancierde of gesubsidieerde instelling voor onderwijs voor sociale promotie of Centrum voor Volwassenenonderwijs

- ofwel een diploma van gegradueerde behaald aan een door de Vlaamse Gemeenschap erkend, gefinancierd of gesubsidieerd Centrum voor Volwassenenonderwijs

Het is de bedoeling dat de schrijftolken belangrijke communicatiemomenten voor de dove leerling of student mogelijk maken. Het is niet de bedoeling dat de schrijftolken worden ingezet om de leerling van nota's te voorzien (zie punt 2.2. kopieën nota's medestudenten).

Daarnaast dient elke tolk een engagementsverklaring te ondertekenen. Dit is nieuw voor schrijftolken. Deze engagementsverklaring wordt door het CAB aan de tolk bezorgd en ondertekend door de tolk teruggestuurd.

2.1.2. Aanvraagprocedure

2.1.2.1. De aanvrager

De directeur van de school voor gewoon onderwijs of de dienstverantwoordelijke voor de begeleiding van studenten met een handicap verbonden aan een universiteit of hogeschool doet de aanvraag. Hij/zij ondertekent het volledig ingevulde aanvraagformulier (zie bijlage 1 voor het basis- en secundair onderwijs of bijlage 2 voor het hoger onderwijs).

Het aanvraagformulier moet ondertekend zijn door één van beide ouders of door de meerderjarige leerling of student zelf.

2.1.2.2. Het bewijs dat de leerling of student tot de doelgroep behoort

Het gehoorverlies wordt bij een eerste aanvraag aangetoond op basis van een recent (d.w.z. niet ouder dan 1 kalenderjaar) medisch attest met een audiometrisch bewijs of audiogram. Het audiogram vermeldt de gemiddelde waarde op de Fletcher-index en wordt opgemaakt door een erkend(e) revalidatiecentrum of -dienst, door een erkende universitaire dienst voor audiometrisch onderzoek of door een NKO-arts. 

Leerlingen of studenten die tijdens hun schoolloopbaan al tolkondersteuning genoten of "kopieën nota's medestudenten" ontvingen, moeten geen nieuw medisch attest voorleggen. Een medisch attest wordt slechts één maal tijdens de schoolloopbaan van de leerling of student ingediend en niet meer bij de overgang naar een ander onderwijsniveau.

2.1.2.3. Bijkomend document voor de aanvraag van schrijftolkuren

Wanneer een schrijftolk wordt gekozen die in het verleden nog niet getolkt heeft in een onderwijssituatie, wordt voor deze tolk, wiens naam wordt vermeld op het aanvraagformulier, eveneens een kopie van zijn/haar diploma aan het Vlaams Communicatie Assistentie Bureau voor Doven vzw (CAB) bezorgd (voor zover AgODi of het CAB nog niet over deze documenten beschikken).

2.1.2.4. Indienen van de aanvraag

2.1.2.4.1. Een nieuwe aanvraag

Onder nieuwe aanvraag wordt verstaan:

- de aanvraag van tolkuren voor een leerling of student die tijdens het voorafgaande school-/academiejaar geen tolkondersteuning vanuit onderwijs kreeg;

- de aanvraag van tolkuren voor een leerling of student die tijdens het voorafgaande school-/academiejaar wel tolkondersteuning vanuit onderwijs kreeg, maar die het nieuwe school-/academiejaar in een andere school start.

Voor deze leerlingen of studenten moet het aanvraagformulier aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi) bezorgd worden. 

Om op 1 september met de tolkondersteuning te kunnen starten, moeten de dossiers vóór 15 augustus ingediend en volledig zijn.

Aanvragen voor het basis- en secundair onderwijs worden elektronisch doorgestuurd naar cindy.vanitterbeek@ond.vlaanderen.be.

Aanvragen voor het hoger onderwijs worden elektronisch doorgestuurd naar evelien.vanderheyden@ond.vlaanderen.be.

Bij niet-ontvangst van de aanvragen door de cel SOL, ligt de bewijslast bij de aanvrager. De toekenning gebeurt pas wanneer de aanvraag volledig is.

2.1.2.4.2. Verlenging van de tolkondersteuning

Indien een leerling of student tijdens het voorafgaande school-/academiejaar tolkondersteuning vanuit onderwijs kreeg en deze ondersteuning wenst te verlengen, meldt de school dit (…) aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi). De school doet dit door het formulier dat zij ontvangt ingevuld terug te sturen. Op dit formulier duidt de school aan hoeveel uren er voor het volgend school-/academiejaar gevraagd worden en of er wijzigingen zijn in de situatie van de leerling of student ten opzichte van het voorafgaande school-/academiejaar (bv. wijziging van onderwijsvorm, graad, studierichting,...).

Om op 1 september met de tolkondersteuning te kunnen starten, moet het formulier vóór 15 augustus bezorgd zijn aan AgODi. De toekenning gebeurt pas wanneer de aanvraag volledig is.

2.1.3. De toekenning van de tolkuren

2.1.3.1. Administratieve toekenning

Wanneer de aanvraag volledig is en uit nazicht van het dossier blijkt dat de leerling of student aan de voorwaarden voldoet, gebeurt een administratieve toekenning door de Cel Speciale Onderwijsleermiddelen van AgODi. De leerling of student heeft dan recht op tolkuren tijdens het school-/academiejaar waarop de aanvraag betrekking heeft.

D e school kan vervolgens de tolkaanvragen indienen via de applicatie van het CAB. Vanaf het schooljaar 2016-2017 geldt dit zowel voor tolkuren Vlaamse Gebarentaal als voor schrijftolkuren.

Tijdens het schooljaar 2015-2016 is er gewerkt aan de registratie van beschikbare schrijftolken. Het aantal geregistreerde beschikbare schrijftolken is evenwel nog st eeds gering . Daarom raadplegen scholen en instellingen best eerst zelf de beschikbaarheid van de door h en opgegeven schrijftolk(en) om de noden van de leerling of student te lenigen.

De openstaande tolkaanvragen waarvoor een tolk wenselijk is maar nog geen schrijftolk werd gevonden , worden ingediend bij het CAB via de website www.tolkaanvraag.be . Zo k an het CAB actief meezoeken en nieuwe schrijftolken inschakelen. Voor de tolkuren Vlaamse Gebarentaal is dit al sinds vele jaren de gebruikelijke werkwijze.

(…)

2.1.3.2. Het aantal tolkuren

Het aantal tolkuren waarover een leerling of student tijdens een school-/academiejaar kan beschikken wordt begrensd door het maximum aantal lesuren, per lesniveau:

- voor het basisonderwijs: 1.008 uren (berekend a rato van 36 lesweken van gemiddeld 28 lesuren)
- voor het ASO/KSO: 1.024 uren (berekend a rato van 32 lesweken van gemiddeld 32 lesuren)
- voor het TSO: 1.088 uren (berekend a rato van 32 lesweken van gemiddeld 34 lesuren)
- voor het BSO: 1.152 uren (berekend a rato van 32 lesweken van gemiddeld 36 lesuren)
- voor het hoger onderwijs: 600 uren (berekend a rato van 10 tolkuren per studiepunt) Van dit maximum aantal tolkuren voor het hoger onderwijs kan per uitzondering worden afgeweken als uit de motivatie bij de aanvraag blijkt dat er meer contacturen zijn.

Daarnaast is het aantal tolkuren voor een leerling of student afhankelijk van:

1. de uitvoerbaarheid van de aanvraag
2. de beschikbaarheid van de tolken Vlaamse Gebarentaal en/of schrijftolken in Vlaanderen
3. het totaal aantal beschikbare tolkuren
4. het gebruik van de tolkuren in het verleden

Met “het gebruik van de tolkuren in het verleden” wordt bedoeld:
het niet correct omgaan met tolkuren tijdens het school-/academiejaar.
Dit is het geval wanneer de leerling of student in vergelijking met andere leerlingen of studenten, veel tolkuren laat verloren gaan door niet of laattijdig een voorziene tolk te annuleren. Bij de toekenning voor het volgende school-/academiejaar kan hiermee rekening gehouden worden.

Bij de combinatieaanvraag van Vlaamse Gebarentaal- en schrijftolkuren kan het totaal aantal tolkuren (tolkuren Vlaamse Gebarentaal en schrijftolkuren samen) nooit hoger zijn dan het maximum op jaarbasis zoals hierboven per onderwijsniveau bepaald.

2.1.4. Opmerkingen

Er mogen geen bijkomende kosten voor schrijftolkuren of tolkuren Vlaamse Gebarentaal worden doorgerekend aan de betrokken leerling, student of zijn ouders.

De toekenning van tolkuren kan worden ingetrokken indien achteraf zou blijken dat de verstrekte informatie in het aanvraagdossier niet strookt met de werkelijkheid.

Wijzigingen met betrekking tot de situatie zoals opgegeven in het aanvraagdossier moeten onmiddellijk schriftelijk worden gemeld aan de Cel Speciale Onderwijsleermiddelen door de aanvrager. Zoniet kunnen de hierdoor eventueel teveel gemaakte kosten worden doorgerekend aan de school.

De vergoedingen van tolkprestaties gepresteerd in strijd met de onderrichtingen vermeld in de toekenningsbrief en in de bijlagen 4 en 5 van deze omzendbrief, zullen worden teruggevorderd.

Het materiaal dat noodzakelijk is voor een schrijftolkopdracht moet in onderlinge overeenstemming tussen de betrokken partijen (school en schrijftolk) worden voorzien en hier dienen duidelijke afspraken rond te worden gemaakt (bijvoorbeeld: de schrijftolk werkt met eigen materiaal, maar de school voorziet te allen tijde reservemateriaal voor wanneer het materiaal van de schrijftolk buiten werking is) . Deze afspraken worden best schriftelijk vastgelegd want eventuele problemen hierrond kunnen i n geen geval worden inge roepen als overmacht voor het niet-uitvoeren van de tolkopdracht. Daarom is het voor alle betrokken partijen belangrijk hier voorzorgsmaatregelen te nemen.

2.2. Kopieën van notities medestudenten

2.2.1. Definitie

Met deze ondersteuningsvorm wordt bedoeld dat voor leerlingen of studenten van het secundair of hoger onderwijs met een auditieve handicap, los van de tolkuren, ook de terugbetaling van kopieën van notities van medestudenten kan worden aangevraagd.

2.2.2. Aanvraagprocedure

2.2.2.1. De aanvrager

De directeur van de school voor gewoon onderwijs of de dienstverantwoordelijke voor de begeleiding van studenten met een handicap verbonden aan een universiteit of hogeschool doet de aanvraag. Hij/zij ondertekent het volledig ingevulde aanvraagformulier.

Het aanvraagformulier dient ook te worden ondertekend door één van beide ouders of de meerderjarige leerling of student.

2.2.2.2. Het bewijs dat de leerling of student tot de doelgroep behoort

Het gehoorverlies wordt bij een eerste aanvraag aangetoond door middel van een recent (d.w.z. niet ouder dan 1 kalenderjaar) medisch attest met een audiometrisch bewijs of audiogram dat een vermelding bevat van de gemiddelde waarde op de Fletcher-index en wordt opgemaakt door een erkend(e) revalidatiecentrum of -dienst, door een erkende universitaire dienst voor audiometrisch onderzoek of door een NKO-arts. 

Leerlingen of studenten die in hun schoolloopbaan reeds tolkondersteuning genoten of "kopieën nota's medestudenten" hebben ontvangen, hoeven geen nieuw medisch attest in te zenden. Een medisch attest moet niet meer per onderwijsniveau worden bezorgd, maar slechts één maal in de schoolloopbaan van de leerling of student.

2.2.2.3. Indienen van de aanvraag

De aanvraag dient te gebeuren via het aanvraagformulier van de omzendbrief NO/2012/03. De aanvraag kan gedurende het hele school-/academiejaar worden ingediend.

Per school kan er per leerling of student één aanvraagformulier worden ingezonden.

Aanvragen voor het basis- en secundair onderwijs worden elektronisch doorgestuurd naar cindy.vanitterbeek@ond.vlaanderen.be.

Aanvragen voor het hoger onderwijs worden elektronisch doorgestuurd naar evelien.vanderheyden@ond.vlaanderen.be.

2.2.2.4. Financiering 

Voor leerlingen van het secundair onderwijs wordt per schooljaar maximaal 75 EURO toegekend.

Voor studenten van het hoger onderwijs wordt per school-/academiejaar maximaal 100 EURO toegekend.

De maximumprijs die aan een school wordt terugbetaald per kopie A4 bedraagt 0,05 EURO per kopie.

De betaling gebeurt op basis van een factuur opgemaakt op het einde van het school-/academiejaar, door de leveranciers van de kopieën en kan nooit meer bedragen dan het toegekende bedrag. Een betaling aan de leerling, student of zijn ouders is uitgesloten.

De terugbetaling van kopieën notities medestudenten aan de school gebeurt op het rekeningnummer van de inrichtende macht. Indien de betaling op een ander rekeningnummer moet gebeuren, dient de school de gegevens op te geven van de rekeninghouder (naam, adres), het KBO-nummer, de Bic-code en het Iban-nummer.

3. Bijlagen