Het ondersteunend personeel in het gewoon en buitengewoon secundair onderwijs

  • referentie
    PERS/2009/07
  • publicatiedatum
    17/08/2009
  • datum laatste wijziging
    07/07/2021
  • wettelijke basis
    Decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs
  • wettelijke basis
    Decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding
  • wettelijke basis
    Besluit van de Vlaamse Regering van 4 september 2009 betreffende de globale puntenenveloppe in het secundair onderwijs
  • wettelijke basis
    Besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2010 houdende de codificatie betreffende het secundair onderwijs (artikel 29 tot en met 31)
  • wettelijke basis
    Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van diverse besluiten van de Vlaamse Regering over ICT-coördinatie
  • wettelijke basis
  • contact
    Uw werkstation : werkstation 32
  • De omkadering voor het ondersteunend personeel in het secundair onderwijs maakt deel uit van de globale puntenenveloppe.
  • Meer informatie over deze globale puntenenveloppe vindt u in de omzendbrieven over dit onderwerp.
  • In deze omzendbrief vindt u een aantal specifieke bepalingen terug m.b.t. de administratieve en geldelijke toestand van de personeelsleden van het ondersteunend personeel.
  • Met ingang van 1 september 2021 wordt aan het ondersteunend personeel het wervingsambt van ICT-coördinator toegevoegd. Voor dit ambt ontvangt een school een aparte puntenenveloppe voor ICT-coördinatie. In deze omzendbrief worden de nodige bepalingen opgenomen m.b.t. dit nieuwe ambt.
  • Deze maatregelen worden meegedeeld onder voorbehoud van goedkeuring van de regelgeving door de Vlaamse Regering.

1. Inleiding

Deze omzendbrief behandelt een aantal specifieke aspecten m.b.t. de personeelsleden die worden aangesteld in een ambt van het ondersteunend personeel:

  • de puntenwaarde van een betrekking (punt 3);
  • de aanstelling van een personeelslid (punt 4);
  • enkele specifieke bepalingen betreffende terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling (punt 5);
  • de administratieve en geldelijke toestand van een personeelslid (punt 6);
  • de inzetbaarheid van een personeelslid dat aangesteld is in een school die behoort tot een scholengemeenschap ofin een scholengemeenschapsinstelling van een scholengemeenschap (punt 7).

2. Omkadering voor het ondersteunend personeel

Elke scholengemeenschap en elke school die niet tot een scholengemeenschap behoort, ontvangt jaarlijks een puntenenveloppe voor de instandhouding en/of oprichting van betrekkingen in ambten van:

  • het bestuurspersoneel;
  • het ondersteunend personeel;
  • het onderwijzend personeel, het ondersteunend, het paramedisch, het medisch, het orthopedagogisch, het psychologisch en het sociaal personeel in het kader van taak- en functiedifferentiatie.

Meer informatie over de aanwending van deze globale puntenenveloppe vindt u in de omzendbrief PERS/2009/06van 17-08-2009 - Aanwending van de globale puntenenveloppe in het secundair onderwijs.

Meer informatie over de samenstelling van de globale puntenenveloppe vindt u terug in de omzendbrief SO/2009/03 van 02-07-2009 - Berekening van de globale puntenenveloppe in het secundair onderwijs.

Daarnaast ontvangt een school vanaf 1 september 2021 jaarlijks ook een punten enveloppe voor ICT-coördinatie voor de instandhouding en oprichting van betrekkingen in het ambt van ICT-coördinator. Meer informatie hierover vindt u in de omzendbrief Mededeling betreffende ICT-coördinatie – GD/2003/04 van 18-07-2003” .

3. Hoeveel punten kosten de ambten van het ondersteunend personeel?

Elk ambt in de personeelscategorie van het ondersteunend personeel (de opvoeder, de administratieve medewerker en de ICT-coördinator), kost een aantal punten in functie van het niveau van het diploma van de titularis of in functie van de salarisschaal van de titularis.

...

Opgelet
Zowel in het gewoon secundair onderwijs als in het buitengewoon secundair onderwijs vormt de categorie van het ondersteunend personeel een aparte personeelscategorie.
Dit betekent dat het niet om dezelfde ambten gaat en er in principe dus geen affectatie of mutatie mogelijk is van het gewoon secundair onderwijs naar het buitengewoon secundair onderwijs of omgekeerd. Een uitzondering hierop geldt voor een affectatie of mutatie van een ambt van het ondersteunend personeel in het buitengewoon secundair onderwijs naar een ambt van het ondersteunend personeel in het gewoon secundair onderwijs (ziepunt 4.2)

Ook de dienstanciënniteit die vereist is in het kader van TADD of vaste benoeming moet apart worden bekeken. Dit betekent dat de gepresteerde diensten in het gewoon secundair onderwijs niet 'overdraagbaar' zijn naar het buitengewoon secundair onderwijs en omgekeerd. Ook hier geldt een uitzondering voor prestaties die zijn verricht in een ambt in het buitengewoon onderwijs. Een schoolbestuur kan er voor kiezen om deze prestaties wel te beschouwen als gepresteerd in een ambt van het ondersteunend personeel in het gewoon secundair onderwijs (zie punt 6.6.1.2).

Voor de verplichtingen betreffende reaffectatie of wedertewerkstelling gelden de ambten van het ondersteunend personeel dan weer wel als “hetzelfde ambt” (zie punt5).

 

AMBT / DIPLOMA / SALARISSCHAAL 

 

 

PUNTEN 

 

administratief medewerker met bekwaamheidsbewijs van ten minste hoger secundair onderwijs (ssc 202, ssc 122) 

 

63 

 

administratief medewerker met bekwaamheidsbewijs van ten minste bachelor (ssc 158) 

 

82 

 

administratief medewerker met bekwaamheidsbewijs van ten minste master (ssc 542) 

 

120 

 

administratief medewerker met salarisschaal 200, 201, 202 of 203 

 

63 

 

administratief medewerker met salarisschaal 122 

 

63 

 

administratief medewerker met salarisschaal 158 

 

82 

 

administratief medewerker met salarisschaal 106 

 

82 

 

administratief medewerker met salarisschaal 163 

 

82 

 

administratief medewerker met salarisschaal 164 

 

82 

 

administratief medewerker met salarisschaal 100 

 

82 

 

administratief medewerker met salarisschaal 208 

 

82 

 

administratief medewerker met salarisschaal 104 

 

82 

 

administratief medewerker met salarisschaal 123 

 

82 

 

administratief medewerker met salarisschaal 125 

 

82 

 

administratief medewerker met salarisschaal 126 

 

82 

 

administratief medewerker met salarisschaal 542 

 

120 

 

opvoeder met bekwaamheidsbewijs van ten minste hoger secundair onderwijs (ssc 202, ssc 122) 

 

63 

 

opvoeder met bekwaamheidsbewijs van ten minste bachelor (ssc 158) 

 

82 

 

opvoeder met bekwaamheidsbewijs van ten minste master (ssc 542) 

 

120 

 

opvoeder met salarisschaal 200, 201, 202 of 203 

 

63 

 

opvoeder met salarisschaal 122 

 

63 

 

opvoeder met salarisschaal 158 

 

82 

 

opvoeder met salarisschaal 106 

 

82 

 

opvoeder met salarisschaal 163 

 

82 

 

opvoeder met salarisschaal 164 

 

82 

 

opvoeder met salarisschaal 100 

 

82 

 

opvoeder met salarisschaal 208 

 

82 

 

opvoeder met salarisschaal 104 

 

82 

 

opvoeder met salarisschaal 123 

 

82 

 

opvoeder met salarisschaal 125 

 

82 

 

opvoeder met salarisschaal 126 

 

82 

 

opvoeder met salarisschaal 542 

 

120 

 

 

 

ICT-coördinator met bekwaamheidsbewijs van ten minste hoger secundair onderwijs (ssc 202) 

 

63 

 

ICT-coördinator met bekwaamheidsbewijs van ten minste bachelor (ssc 301) 

 

85 

 

ICT-coördinator met bekwaamheidsbewijs van ten minste master (ssc 501) 

 

126 

4. Aanstelling van een personeelslid in een ambt van het ondersteunend personeel

De aanstelling van een personeelslid in een vacante of niet-vacante betrekking in een ambt van het ondersteunend personeel kan al dan niet invloed hebben op de puntenwaarde van de betrekking.

Hierna volgen enkele specifieke situaties waarbij telkens aandacht wordt besteed aan het effect van de aanstelling op de puntenwaarde van de betrekking.

Een personeelslid kan ook aangesteld worden onder het niveau van zijn hoogste diploma (zie ook punt 6.1).

4.1. Tijdelijke aanstelling

4.1.1. In een vacante betrekking

4.1.1.1. Reaffectatie en wedertewerkstelling

Het schoolbestuur moet in eerste instantie in vacante betrekkingen steeds de verplichtingen betreffende reaffectatie of wedertewerkstelling naleven voordat nieuwe wervingen in een ambt van het ondersteunend personeel kunnen plaatsvinden.

De reaffectatie of wedertewerkstelling van een terbeschikkinggesteld personeelslid in een vacante betrekking heeft geen invloed op de initiële puntenwaarde van de betrekking.

Meer informatie over deze verplichtingen betreffende reaffectatie en wedertewerkstelling vindt u in de omzendbrief PERS/2003/08 (28/07/2003) - De reaffectatie- en wedertewerkstellingsregeling voor de inrichtende machten en de personeelsleden tewerkgesteldin het niet-tertiair onderwijs.

4.1.1.2. Werving van een tijdelijk personeelslid

Als een schoolbestuur een vacante betrekking niet heeft moeten invullen binnen haar verplichtingen betreffende reaffectatie en wedertewerkstelling, kan ze een personeelslid tijdelijk aanstellen in het ambt van opvoeder, administratief medewerker of ICT-coördinator.

Het schoolbestuur stelt het personeelslid in het desbetreffende ambt aan volgens de regels van een tijdelijke aanstelling zoals bepaald in de decreten rechtspositie van 27 maart 1991. Dit houdt o.m. in dat ze eerst personeelsleden moet aanwerven die het recht hebben verworven op een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur.

Een personeelslid dat wordt aangesteld in het ambt van opvoeder, van administratief medewerker of van ICT-coördinator kan ... onder het niveau van zijn hoogste bekwaamheidsbewijs worden aangesteld, op voorwaarde dat het personeelslid hiermee uitdrukkelijk instemt.

Een personeelslid dat al in dienst was op 30 juni 2001 in het gewoon secundair onderwijs of op 30 juni 2006 in het buitengewoon secundair onderwijs, wordt aangesteld in het ambt van opvoeder of administratief medewerker op basis van zijn concordantie. De concordantie - en eventueel bijhorende overgangsmaatregel - is dan bepalend voor de puntenwaarde van de betrekking. Ook in dit geval kan het personeelslid echter, mits een eventuele aanpassing van de puntenwaarde van de betrekking en als het personeelslid hiermee instemt, aangesteld worden op basis van zijn bekwaamheidsbewijs voor zover dat als een vereist bekwaamheidsbewijs kan worden beschouwd (zie punt 6.1).

U vindt ter ondersteuning in de bijlage 1 een overzicht van de regelgeving betreffende de sinds 1 september 1998 geldende overgangsmaatregelen voor het ondersteunend personeel in het gewoon secundair onderwijs.

De overgangsmaatregelen voor het ondersteunend personeel in het buitengewoon secundair onderwijs vindt u terug in de omzendbrief PERS/2006/3 van 18-06-2006 - Het ondersteunend personeel in het buitengewoon secundair onderwijs. Maatregelen betreffende concordantie van het opvoedend hulppersoneel en administratief personeel en toekennen van overgangsmaatregelen op 1 september 2006.

Meer informatie over de concordantie naar het ambt van ICT-coördinator op 1 september 2021 vindt u terug in punt 4.6 van de omzendbrief “Mededeling betreffende ICT-coördinatie – GD/2003/04 van 18-07-2003” .

De concordantie naar het ambt van ICT-coördinator op 1 september 2021 kan voor een personeelslid ook gepaard gaan met een overgangsmaatregel voor het bekwaamheidsbewijs en/of voor de salarisschaal. Meer informatie hierover vindt u in punt 5.1.2 van de omzendbrief “Bekwaamheidsbewijzen in het gewoon secundair onderwijs – PERS/2015/04 van 16-06-2015”.

De bezoldiging van het personeelslid dat als tijdelijk personeelslid wordt aangesteld, gebeurt op basis van de puntenwaarde die het schoolbestuur aan de betrekking toekent. Daarbij kan het schoolbestuur rekening houden met:

  • de concordantie van het personeelslid;
  • het diploma dat betrokkene heeft voor het desbetreffende ambt van het ondersteunend personeel;
  • de overgangsmaatregel die het personeelslid heeft verworven voor het desbetreffende ambt van het ondersteunend personeel, indien dit voordeliger is.

Voorbeelden

Een schoolbestuur richt op 1 september 2015 een betrekking in van opvoeder met diplomavereiste tenminste HSO. De betrekking heeft een puntenwaarde 63 en geeft recht op salarisschaal 202. Een personeelslid met een bachelorsdiploma kandideert voor deze betrekking. Hij wordt aangesteld als opvoeder ten minste HSO in een betrekking van 63 punten en heeft recht op salarisschaal 202.

Een personeelslid was op 30 juni 2001 in dienst als tijdelijk personeelslid in het gewoon secundair onderwijs in een betrekking van opsteller met salarisschaal 202 (63 punten). Dit personeelslid heeft een diploma HOKT.

Dit personeelslid werd op 1 september 2001 geconcordeerd naar administratief medewerker met ssc 202 (63 punten) en wordt op basis hiervan in dienst genomen in een betrekking van administratief medewerker van 63 punten en heeft recht op salarisschaal 202.

Een personeelslid was op 30 juni 2006 in een school voor buitengewoon secundair onderwijs in dienst als tijdelijk personeelslid in een betrekking van klerk met salarisschaal 200. Dit personeelslid heeft een diploma LSO.

Dit personeelslid werd op 1 september 2006 geconcordeerd naar administratief medewerker met ssc 200 (63 punten) en wordt op basis hiervan in de school voor buitengewoon secundair onderwijs in dienst genomen in een betrekking van administratief medewerker van 63 punten en heeft recht op salarisschaal 200.

Een personeelslid was op 30 juni 2006 in een school voor buitengewoon secundair onderwijs in dienst als tijdelijk personeelslid in een betrekking van studiemeester-opvoeder met salarisschaal 122. Dit personeelslid heeft een diploma HSO.

Dit personeelslid werd op 1 september 2006 geconcordeerd naar opvoeder met ssc122 (63 punten) en wordt op basis hiervan in de school voor buitengewoon secundair onderwijs in dienst genomen in een betrekking van opvoeder van 63 punten en heeft recht op salarisschaal 122.

Een school voor buitengewoon secundair onderwijs richt op 1 september met haar punten ICT-coördinatie een betrekking in van ICT-coördinator niveau ten minste bachelor. De betrekking heeft een puntenwaarde 85 en geeft recht op salarisschaal 301. Een personeelslid met een bachelorsdiploma kandideert voor deze betrekking. Hij wordt aangesteld als opvoeder ten minste bachelor in een betrekking van 85 punten en heeft recht op salarisschaal 301.

Een personeelslid was in een school voor secundair onderwijs in het schooljaar 2020-2021 op basis van  vakcode  785 (ICT) aangesteld . Onderliggend werd hij aangesteld als leraar TV/PV grafische technieken in de 3 de graad ASO-TSO . . Hij beschikt over een bekwaamheidsbewijs van “ ten minste bachelor ” en een bewijs van pedagogische bekwaamheid, en geniet voor dat vak de salarisschaal 302.

Hij wordt op 1 september 2021 ambtshalve geconcordeerd naar het ambt van ICT-coördinator . Hij wordt aangesteld als ICT-coördinator ten minste bachelor – 85 punten. Hieraan is organiek de salarisschaal 301 verbonden. Het personeelslid heeft recht op een overgangsmaatregel voor de salarisschaal en blijft de salarisschaal 302 genieten .

De overgangsmaatregel geldt enkel voor het ambt van ICT-coördinator ‘ten minste bachelor’- 85 punten. Als hij aangesteld zou worden als ICT-coördinator ten minste HSO – 63 punten geniet hij geen overgangsmaatregel. Zijn bekwaamheidsbewijs is immers van een hoger niveau dan organiek gevraagd. Hij zou dan recht hebben op de organieke salarisschaal 202.

Meer informatie over de administratieve en geldelijke toestand van het personeelslid vindt u in punt 6.

4.1.2. In een niet-vacante betrekking

4.1.2.1. Reaffectatie en wedertewerkstelling

Het schoolbestuur moet in eerste instantie in niet-vacante betrekkingen steeds de verplichtingen betreffende reaffectatie of wedertewerkstelling naleven voordat nieuwe wervingen in een ambt van het ondersteunend personeel kunnen plaatsvinden.

De reaffectatie of wedertewerkstelling van een terbeschikkinggesteld personeelslid in een niet-vacante betrekking heeft geen invloed op de puntenwaarde van de betrekking. De puntenwaarde wordt in dit geval bepaald door de titularis van de betrekking.

Meer informatie over deze verplichtingen betreffende reaffectatie en wedertewerkstelling vindt u in de omzendbrief PERS/2003/08 (28/07/2003) - De reaffectatie- en wedertewerkstellingsregeling voor de inrichtende machten en de personeelsleden tewerkgesteld in het niet-tertiair onderwijs.

4.1.2.2. Werving van een tijdelijk personeelslid

Als een schoolbestuur een niet-vacante betrekking niet heeft moeten invullen binnen haar verplichtingen betreffende reaffectatie en wedertewerkstelling, kan ze een personeelslid tijdelijk aanstellen als vervanger in het ambt van opvoeder, van administratief medewerker of van ICT-coördinator.

De vervanging is steeds gekoppeld aan het ambt waarvan de titularis afwezig is:

- als een opvoeder afwezig is en tijdelijk wordt vervangen, moet de vervanger steeds worden aangesteld in het ambt van opvoeder;

- als een administratief medewerker afwezig is en tijdelijk wordt vervangen, dan wordt de vervanger aangesteld als administratief medewerker;

- als een ICT-coördinator afwezig is en tijdelijk wordt vervangen, dan wordt de vervanger aangesteld als ICT-coördinator.

Voor een vervanging in een ambt van het ondersteunend personeel dat wordt ingericht met punten van de globale puntenenveloppe gelden volgende specifieke principes:

- de salarisschaal van de vervanger mag niet hoger zijn dan de salarisschaal van de titularis;

- als de school over niet-aangewende punten beschikt, kan ze de puntenwaarde van de betrekking tijdelijk verhogen t.o.v. de puntenwaarde die initieel aan de betrekking is toegekend om zo een hogere salarisschaal toe te kennen aan de vervanger als die beschikt over een bekwaamheidsbewijs van een hoger niveau.

Voor de vervanging in een ambt van ICT-coördinator dat wordt ingericht met de puntenenveloppe ICT blijft steeds de initiële puntenwaarde van de betrekking van de titularis gelden. De vervanger wordt bezoldigd op basis van zijn bekwaamheidsbewijs, wat betekent dat de salarisschaal van de vervanger lager maar ook hoger kan liggen dan deze van de titularis.

4.1.2.2.1. Algemeen principe voor betrekkingen ingericht met de globale puntenenveloppe: salarisschaal vervanger niet hoger dan de titularis

Bij de vervanging van een titularis van een betrekking in het ondersteunend personeel die is ingericht met punten van de globale puntenenveloppe, mag de salarisschaal van de vervanger nooit hoger liggen dan de salarisschaal van de titularis die wordt toegekend op basis van de puntenwaarde die initieel aan de betrekking is toegekend.

Dit betekent dat de vervanger wordt bezoldigd:

- op basis van de puntenwaarde die initieel aan de betrekking is toegekend als zijn diplomaniveau met die puntenwaarde correspondeert;

- aan een lagere salarisschaal, als zijn diplomaniveau correspondeert met een puntenwaarde die lager is dan de puntenwaarde die initieel aan de betrekking is toegekend.

Voormeld principe geldt niet voor de vervanging van een titularis van een betrekking in het ambt van ICT-coördinator dat wordt ingericht met de puntenenveloppe ICT. In dat geval blijft steeds de initiële puntenwaarde van de betrekking van de titularis gelden en wordt de vervanger bezoldigd op basis van zijn bekwaamheidsbewijs, wat betekent dat de salarisschaal van de vervanger lager maar ook hoger kan liggen dan deze van de titularis.

Bij een vervanging kunnen zich twee situaties voordoen.

De titularis wordt vervangen door een tijdelijk personeelslid of de titularis wordt vervangen door een vastbenoemd personeelslid via een verlof om tijdelijk een ander opdracht uit te oefenen (verlof TAO).

4.1.2.2.1.1. Vervanging door een tijdelijk personeelslid

De afwezige titularis wordt vervangen door een tijdelijk personeelslid.

Als het tijdelijke personeelslid in het bezit is van een bekwaamheidsbewijs dat recht geeft op de salarisschaal die wordt toegekend aan de titularis van de betrekking, dan ontvangt het personeelslid een bezoldiging op basis van die salarisschaal.

Als het tijdelijke personeelslid echter in het bezit is van een bekwaamheidsbewijs dat recht geeft op een lagere salarisschaal dan de salarisschaal die toegekend wordt aan de titularis van de betrekking, dan ontvangt het personeelslid een bezoldiging op basis van die lagere salarisschaal.

De puntenwaarde van de betrekking blijft tijdens de duur van de vervanging steeds de puntenwaarde die initieel aan de betrekking is toegekend.

Bij de toekenning van de salarisschaal kan het schoolbestuur rekening houden met:

  • de concordantie van het personeelslid;
  • het diploma dat betrokkene heeft voor het desbetreffende ambt van het ondersteunend personeel;
  • de overgangsmaatregel die het personeelslid heeft verworven voor het desbetreffende ambt van het ondersteunend personeel, indien dit voordeliger is.

U vindt ter ondersteuning in de bijlage 1 een overzicht van de regelgeving inzake de sinds 1 september 1998 geldende overgangsmaatregelen voor het ondersteunend personeel in het gewoon secundair onderwijs.

De overgangsmaatregelen voor het ondersteunend personeel in het buitengewoon secundair onderwijs vindt u terug in de omzendbrief PERS/2006/3 van 18-06-2006 - Het ondersteunend personeel in het buitengewoon secundair onderwijs. Maatregelen betreffende concordantie van het opvoedend hulppersoneel en administratief personeel en toekennen van overgangsmaatregelen op 1 september 2006.

Meer informatie over de concordantie naar het ambt van ICT-coördinator op 1 september vindt u terug in punt 4.6 van de omzendbrief “Mededeling betreffende ICT-coördinatie – GD/2003/04 van 18-07-2003” .

Meer informatie over de overgangsmaatregelen voor de bekwaamheidsbewijzen en salarisschalen voor het ambt van ICT-coördinator op 1 september 2021 vindt u in punt 5.1.2 van de omzendbrief “ Bekwaamheidsbewijzen in het gewoon secundair onderwijs – PERS/2015/04 van 16/06/2015”.

Voorbeelden

Een vastbenoemde opvoeder (ssc 158 - 82 punten) neemt een afwezigheid wegens verminderde prestaties.

Situatie 1

Hij wordt in het gewoon secundair onderwijs vervangen door een tijdelijke opvoeder die houder is van een bekwaamheidsbewijs van ten minste master.

De salarisschaal van de vervanger mag nooit hoger liggen dan de salarisschaal van de titularis. De betrekking blijft 82 punten kosten.

De vervanger wordt bezoldigd op basis van salarisschaal 158, vermits de vervanger in dit geval wordt bezoldigd op basis van de puntenwaarde van de betrekking.

Situatie 2

Hij wordt in het gewoon secundair onderwijs vervangen door een tijdelijke opvoeder met als hoogste bekwaamheidsbewijs een diploma secundair onderwijs.

De salarisschaal van de vervanger mag nooit hoger liggen dan de salarisschaal van de titularis. De betrekking blijft 82 punten kosten.

De vervanger wordt bezoldigd op basis van salarisschaal 202, omdat hij niet beschikt over een bekwaamheidsbewijs dat recht geeft op salarisschaal 158 die overeenstemt met de puntenwaarde van de betrekking.

Situatie 3

Hij wordt in het gewoon secundair onderwijs vervangen door een tijdelijke opvoeder met als hoogste bekwaamheidsbewijs een diploma secundair onderwijs die via concordantie recht heeft op ssc 106.

De salarisschaal van de vervanger mag nooit hoger liggen dan de salarisschaal van de titularis. De betrekking blijft 82 punten kosten.

De vervanger wordt bezoldigd op basis van salarisschaal 106, vermits de vervanger in dit geval wordt bezoldigd op basis van de puntenwaarde van de betrekking.

Situatie 4

Hij wordt in het buitengewoon secundair onderwijs vervangen door een tijdelijke opvoeder als hoogste bekwaamheidsbewijs een diploma secundair onderwijs.

De salarisschaal van de vervanger mag nooit hoger liggen dan de salarisschaal van de titularis. De betrekking blijft 82 punten kosten.

De vervanger wordt bezoldigd op basis van salarisschaal 122, omdat hij niet beschikt over een bekwaamheidsbewijs dat recht geeft op salarisschaal 158 die overeenstemt met de puntenwaarde van de betrekking.

Situatie 5

Een ICT-coördinator (ssc 301 – ten minste bachelor – 85 -punten) is aangesteld op punten van de globale puntenenveloppe. Hij is afwezig wegens ziekte. Hij wordt vervangen door een ICT-coördinator met als hoogste bekwaamheidsbewijs een diploma van het niveau ‘ten minste master’. De puntenwaarde van de betrekking blijft 85 punten kosten en de vervanger wordt bezoldigd aan ssc 301.

Als hij vervangen wordt door een ICT-coördinator met als hoogste bekwaamheidsbewijs een diploma van het niveau ‘ten minste HSO’, dan blijft de puntenwaarde van de betrekking evengoed 85 punten. De vervanger zal bezoldigd worden aan ssc 202 omdat hij niet beschikt over een bekwaamheidsbewijs dat recht geeft op salarisschaal 301 die overeenstemt met de puntenwaarde van de betrekking.

Situatie 6

Een ICT-coördinator (ssc 301 – ten minste bachelor – 85 ICT-punten) is aangesteld o.b.v. ICT-punten. Hij is afwezig wegens ziekte. Hij wordt vervangen door een ICT-coördinator met als hoogste bekwaamheidsbewijs een diploma van het niveau ‘ten minste master’. De puntenwaarde van de betrekking blijft 85 ICT-punten kosten en de vervanger kan bezoldigd worden aan ssc 501 zonder dat de puntenwaarde van de betrekking wordt verhoogd.

Als hij vervangen wordt door een ICT-coördinator met als hoogste bekwaamheidsbewijs een diploma van het niveau ‘ten minste HSO’, dan blijft de puntenwaarde van de betrekking evengoed 85 ICT-punten. De vervanger zal bezoldigd worden aan ssc 202 omdat hij niet beschikt over een bekwaamheidsbewijs dat recht geeft op salarisschaal 301 die overeenstemt met de puntenwaarde van de betrekking.

4.1.2.2.1.2. Vervanging via een TAO

De afwezige titularis wordt vervangen door een vastbenoemd personeelslid dat via een verlof TAO wordt aangesteld.

De vervanger wordt aangesteld in een ambt van het ondersteunend personeel. De bezoldiging gebeurt volgens de principes van het verlof TAO.

Op dit principe bestaat echter één afwijking als het gaat om de vervanging van een titularis van een betrekking van administratief medewerker of opvoeder die bezoldigd wordt met de salarisschaal 106.

Een personeelslid dat tijdelijk belast wordt met een andere opdracht in een niet-vacante betrekking in een ambt waarvoor de titularis de salarisschaal 106 ontvangt, krijgt de toelage voor het uitoefenen van een beter bezoldigde opdracht.

Heeft het vastbenoemd personeelslid dat via een verlof TAO is aangesteld een lagere salarisschaal dan de titularis, dan krijgt hij een toelage. Deze toelage wordt berekend op basis van de salarisschaal 106.

Heeft het vastbenoemd personeelslid dat via een verlof TAO is aangesteld een hogere salarisschaal dan de titularis, dan krijgt hij de effectieve salarisschaal van de titularis, m.a.w. de salarisschaal 106.

Voorbeelden

Een vastbenoemde opvoeder (ssc 106 - 82 punten) neemt een afwezigheid wegens verminderde prestaties.

Situatie 1

Hij wordt in het gewoon secundair onderwijs vervangen door een vastbenoemde opvoeder die houder is van een bekwaamheidsbewijs van ten minste master via een verlof TAO.

De salarisschaal van de vervanger mag nooit hoger liggen dan de salarisschaal van de titularis. De betrekking blijft 82 punten kosten.

De vervanger wordt bezoldigd op basis van salarisschaal 106, vermits de vervanger in dit geval wordt bezoldigd op basis van het TAO-principe ter vervanging van een titularis met salarisschaal 106.

Situatie 2

Hij wordt in het gewoon secundair onderwijs vervangen door een tijdelijke opvoeder die houder is van een bekwaamheidsbewijs van ten minste master.

De salarisschaal van de vervanger mag nooit hoger liggen dan de salarisschaal van de titularis. De betrekking blijft 82 punten kosten.

De vervanger wordt bezoldigd op basis van salarisschaal 158, vermits de vervanger in dit geval wordt bezoldigd op basis van de puntenwaarde van de betrekking.

Situatie 3

Hij wordt in het gewoon secundair onderwijs vervangen door een tijdelijke opvoeder met als hoogste bekwaamheidsbewijs een diploma secundair onderwijs.

De salarisschaal van de vervanger mag nooit hoger liggen dan de salarisschaal van de titularis. De betrekking blijft 82 punten kosten.

De vervanger wordt bezoldigd op basis van salarisschaal 202omdat hij niet beschikt over een bekwaamheidsbewijs dat recht geeft op de salarisschaal die overeenstemt met de puntenwaarde van de betrekking.

Situatie 4

Hij wordt in het gewoon secundair vervangen via een verlof TAO door een vastbenoemde opvoeder die houder is van een bekwaamheidsbewijs van ten minste bachelor en bezoldigd wordt aan salarisschaal 158.

De salarisschaal van de vervanger mag nooit hoger liggen dan de salarisschaal van de titularis. De betrekking blijft 82 punten kosten.

De vervanger blijft bezoldigd als opvoeder (ssc 158) en ontvangt de toelage voor de beter bezoldigde opdracht (verschil ssc 106 - ssc 158).

Situatie 5: Hij wordt in het buitengewoon secundair onderwijs vervangen door een tijdelijke opvoeder met als hoogste bekwaamheidsbewijs een diploma secundair onderwijs.

De salarisschaal van de vervanger mag nooit hoger liggen dan de salarisschaal van de titularis. De betrekking blijft 82 punten kosten.

De vervanger wordt bezoldigd op basis van salarisschaal 122 omdat hij niet beschikt over een bekwaamheidsbewijs dat recht geeft op de salarisschaal die overeenstemt met de puntenwaarde van de betrekking.

4.1.2.2.2. Hogere salarisschaal dan de titularis

Een school kan bij een afwezigheid van een personeelslid in een ambt van het ondersteunend personeel dat is ingericht met punten van de globale puntenenveloppe afwijken van het algemene principe dat de vervanger nooit een hogere salarisschaal kan hebben dan de salarisschaal die overeenstemt met de puntenwaarde die initieel aan de betrekking is toegekend (zie punt 4.1.2.2.1).

De school kan een personeelslid als vervanger aanstellen met een hoger diplomaniveau dan nodig is voor de puntenwaarde van de betrekking en die vervanger op basis van dat hoger diplomaniveau laten bezoldigen, op voorwaarde dat de school niet-aangewende punten aanwendt om tijdelijk de puntenwaarde van de betrekking te verhogen.

Niet-aangewende punten zijn punten van de globale puntenenveloppe:

- die de school in het begin van het schooljaar niet gebruikt om een vacante betrekking in te richten in een van de ambten binnen de globale puntenenveloppe;

- die in de loop van het schooljaar vrijkomen omdat een betrekking van een vastbenoemd personeelslid vacant wordt (door vrijwillig of ambtshalve ontslag, door vervroegde uitstap of door pensionering);

- die in de loop van het schooljaar beschikbaar komen omdat de titularis van de betrekking in het ambt van het ondersteunend personeel een dienstonderbreking neemt en in deze dienstonderbreking niet (volledig) wordt vervangen.

Voorbeelden

Een vastbenoemde administratief medewerker (63 punten – ssc 202 ) is met bevallingsverlof.

De school werft een tijdelijk personeelslid aan met een bachelorsdiploma en wil dit personeelslid ook als dusdanig laten bezoldigen.

De school verhoogt tijdelijk de puntenwaarde van de betrekking tot 82 punten door 19 niet-aangewende punten aan de betrekking toe te voegen. De puntenwaarde van de vervanger wordt dan 82 punten en de vervanger heeft recht op salarisschaal 158.

Een vastbenoemde opvoeder (63 punten – ssc 202) met een opdracht van 36/36 is afwezig wegens ziekte. De school beslist om het personeelslid slechts te vervangen voor een opdracht van 18/36.Hierdoor kan de school tijdelijk beschikken over de puntenwaarde die overeenkomst met de niet-vervangen opdracht van 18/36 (31,5 punten) om een of meer andere vervangers in een ambt van het ondersteunend personeel tijdelijk een hogere salarisschaal toe te kennen.

Een ICT-coördinator (ssc 202 – ten minste HSO – 63 punten) is aangesteld o.b.v. punten uit de globale puntenenveloppe. Hij is afwezig wegens ziekte. Hij wordt vervangen door een ICT-coördinator met als hoogste bekwaamheidsbewijs een diploma van het niveau ‘ten minste bachelor’. De school heeft nog 22 punten ter beschikking. De school kan deze 22 punten gebruiken om de puntenwaarde van de betrekking tijdelijk te verhogen tot 85 punten. De vervanger wordt bezoldigd aan ssc 301.

Een ICT-coördinator (ssc 301 – ten minste bachelor 85 ICT-punten) is aangesteld o.b.v. ICT-punten. Hij is afwezig wegens ziekte. Hij wordt vervangen door een ICT-coördinator met als hoogste bekwaamheidsbewijs een diploma van het niveau ‘ten minste master ’. De vervanger kan bezoldigd worden aan ssc 501 zonder dat de puntenwaarde van de betrekking wordt verhoogd.

4.2. Affectatie of mutatie

Nadat het schoolbestuur in haar scholen al haar verplichtingen betreffende reaffectatie en wedertewerkstelling heeft nageleefd, krijgt zij een aantal vrijheden.

Binnen deze vrijheden kan het schoolbestuur een vacante betrekking in eerste instantie toewijzen aan een vastbenoemd personeelslid bij wijze van affectatie of mutatie.

In het kader van affectatie en mutatie worden de ambten van opvoeder, administratief medewerker en ICT-coördinator als een ander ambt beschouwd. Er is dus binnen het ondersteunend personeel geen affectatie of mutatie mogelijk van het ene ambt naar het andere ambt. (bv. niet van het ambt van opvoeder naar het ambt van administratief medewerker, niet van ICT-coördinator naar het ambt van administratief medewerker of omgekeerd, ...).

In het kader van affectatie en mutatie worden de ambten van het ondersteunend personeel van het gewoon secundair onderwijs en het buitengewoon secundair eveneens als andere ambten beschouwd. Er is dus in principe geen affectatie of mutatie mogelijk van opvoeder SO naar opvoeder BuSO of omgekeerd, niet van administratief medewerker SO naar administratief medewerker BuSO of omgekeerd en ook niet van ICT-coördinator SO naar ICT-coördinator BuSO of omgekeerd .

Op dit principe geldt een uitzondering waardoor een schoolbestuur een personeelslid dat vast benoemd is in een wervingsambt van het buitengewoon basisonderwijs of buitengewoon secundair onderwijs bij wijze van mutatie in dienst kan nemen in een wervingsambt in het gewoon secundair onderwijs, op voorwaarde dat het personeelslid een vereist bekwaamheidsbewijs heeft voor dat ambt. Op deze wijze is dus bv. wel een mutatie mogelijk van het ambt van administratief medewerker BuSO naar administratief medewerker SO, van opvoeder BuSO naar opvoeder SO of van ICT-coördinator BuSO naar ICT-coördinator SO.

Bij affectatie of mutatie moet u steeds rekening houden met de puntenwaarde van de betrekking!
Hierbij houdt u ook rekening met de salarisschaal die via het diplomaniveau, via concordantie of via de overgangsmaatregel aan het personeelslid kan worden toegekend.

Een vastbenoemd personeelslid kan ook worden geaffecteerd of gemuteerd in een betrekking die onder zijn hoogste diplomaniveau ligt, op voorwaarde het personeelslid daar uitdrukkelijk mee instemt.

5. Terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling

Hierna volgen voor het ondersteunend personeel enkele specifieke bepalingen betreffende de regelgeving rond terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling.

Meer informatie over de toepassing van deze regelgeving in het kader van de aanwending van de globale puntenenveloppe vindt u de omzendbrief PERS/2009/06 van 17-08-2009- Aanwending van de globale puntenenveloppe in het secundair onderwijs.

5.1. Definitie van “hetzelfde ambt”

Voor de toepassing van de regelgeving betreffende reaffectatie en wedertewerkstelling wordt geen onderscheid gemaakt tussen het gewoon en buitengewoon secundair onderwijs.

De ambten van administratief medewerker in het gewoon én buitengewoon secundair onderwijs vormen “hetzelfde ambt”, ongeacht de puntenwaarde die aan het ambt is toegekend.

De ambten van opvoeder in het gewoon én buitengewoon secundair onderwijs vormen “hetzelfde ambt”, ongeacht de puntenwaarde die aan het ambt is toegekend.

De ambten van ICT-coördinator in het gewoon én buitengewoon secundair onderwijs vormen “hetzelfde ambt”, ongeacht de puntenwaarde die aan het ambt is toegekend.

Hetzelfde ambt 

Hetzelfde ambt 

Hetzelfde ambt  

Opvoeder 63 punten 

 

 

Opvoeder 82 punten 

 

 

Opvoeder 120 punten 

Administratief medewerker 63 punten 

 

Administratief medewerker 82 punten 

 

Administratief medewerker 120 punten 

 

ICT- coördinator 

63 punten 

 

ICT- coördinator 

85 punten 

 

ICT- coördinator 

126 punten 

 

Een “ander ambt” voor het ondersteunend personeel is het ambt dat niet wordt beschouwd als “hetzelfde ambt”.

M.a.w. voor het ambt van opvoeder vormen het ambt van administratief medewerker en van ICT-coördinator een “ander ambt”.

Voor het ambt van administratief medewerker vormen het ambt van opvoeder en van ICT-coördinator een “ander ambt”.

Voor het ambt van ICT-coördinator vormen het ambt van opvoeder en van administratief medewerker een “ander ambt”.

5.2. Wedertewerkstelling in een ambt van het ondersteunend personeel vanuit andere personeelscategorieën

In een ambt van het ondersteunend personeel (administratief medewerker en opvoeder) behoort binnen de verplichtingen van het schoolbestuur een wedertewerkstelling tot de mogelijkheden, voor zover het gaat om personeelsleden die ter beschikking zijn gesteld wegens ontstentenis van betrekking in een ambt dat kan worden ingericht binnen de globale puntenveloppe en die door hetzij de reaffectatiecommissie van de scholengroep (gemeenschapsonderwijs), hetzij de Vlaamse reaffectatiecommissie worden toegewezen.
Er moeten dus binnen deze personeelscategorie in bepaalde gevallen ook wedertewerkstellingen worden aanvaard vanuit andere personeelscategorieën.
Deze verplichting geldt echter niet voor een wedertewerkstelling vanuit een andere personeelscategorie of vanuit een ander ambt in het ambt van ICT-coördinator.

Dit betekent dat personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn wegens ontstentenis van betrekking in een wervingsambt van het bestuurs- en onderwijzend personeel ingericht voor een opdracht onder de vorm van taak- en functiedifferentiatie, binnen de verplichtingen van het schoolbestuur een wedertewerkstelling kunnen krijgen in een ambt van het ondersteunend personeel, met uitzondering van het ambt van ICT-coördinator.

Voor het ambt van ICT-coördinator is wedertewerkstelling binnen het schoolbestuur of binnen de scholengemeenschap steeds beperkt tot een wedertewerkstelling van een personeelslid dat ter beschikking is gesteld wegens ontstentenis van betrekking in het ambt van ICT-coördinator.

Voor de scholen die behoren tot een scholengemeenschap betekent dit in principe dat het schoolbestuur verplicht is in de ambten van het ondersteunend personeel voormelde wedertewerkstellingen te aanvaarden die door de reaffectatiecommissie van de scholengroep (in het gemeenschapsonderwijs) of door de Vlaamse reaffectatiecommissie worden uitgesproken.

Deze verplichting geldt in een scholengemeenschap weliswaar pas na de zgn. vrije fase van het schoolbestuur en slaat dus enkel op vacatures die worden ingenomen door tijdelijke personeelsleden die niet vrij zijn van reaffectatie.

...

Voor scholen die niet tot een scholengemeenschap behoren betekent dit dat het schoolbestuur verplicht is in de ambten van het ondersteunend personeel voormelde wedertewerkstellingen te aanvaarden die:

  • voor wat scholen van het gemeenschapsonderwijs betreft door de reaffectatiecommissie van de scholengroep worden uitgesproken;
  • voor wat scholen van het gesubsidieerd onderwijs betreft door de Vlaamse reaffectatiecommissie worden uitgesproken.

Deze verplichting geldt voordat het schoolbestuur kan overgaan tot haar zgn. vrije fase en slaat dus op alle vacatures die worden ingenomen door tijdelijke personeelsleden (ook TADD'ers).

Daarnaast zijn ook nog volgende wedertewerkstellingen mogelijk:

1. Een personeelslid dat als gevolg van een beslissing van Medex ongeschikt wordt verklaard voor zijn gewone werkzaamheden maar wel geschikt geacht wordt voor administratieve taken, kon voor 1 september 2014 ter beschikking gesteld worden wegens ontstentenis van betrekking. Als dat uiterlijk met ingang van 1 augustus 2012 gebeurd is, kan het personeelslid op vrijwillige basis door het schoolbestuur worden wedertewerkgesteld. Het schoolbestuur kan het personeelslid als administratief medewerker of als opvoeder weder te werkstellen. Als de terbeschikkingstelling tussen 1 augustus 2012 en 1 september 2014 ingegaan is, is het schoolbestuur verplicht het personeelslid in een betrekking van het ondersteunend personeel weder te werk te stellen.

Als het personeelslid in een vacante betrekking wordt wedertewerkgesteld, bedraagt de puntenwaarde in dat geval 63 punten voor een voltijdse betrekking of 31,5 voor een halftijdse betrekking.

Meer informatie over deze mogelijkheid vindt u in de omzendbrief PERS/2007/02 van 04-05-2007 - Personeelslid voor 1 september 2014 ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking na een beslissing van MEDEX. - Personeelslid definitief ongeschikt verklaard om zijn ambt uit te oefenen, doch geschikt bevonden voor een specifieke functie.

2. Een personeelslid dat in het kader van de procedure tot re-integratie arbeidsongeschikt is verklaard maar nog wel geschikt is bevonden voor een tewerkstelling in een administratieve functie, kon voor 1 september 2014 ter beschikking gesteld worden wegens ontstentenis van betrekking. Als dat uiterlijk met ingang van 1 augustus 2012 gebeurd is, kan het personeelslid op vrijwillige basis door het schoolbestuur worden weder te werk gesteld. Het schoolbestuur kan het personeelslid als administratief medewerker of als opvoeder weder te werkstellen. Als de terbeschikkingstelling tussen 1 augustus 2012 en 1 september 2014 ingegaan is, is het schoolbestuur verplicht het personeelslid in een betrekking van het ondersteunend personeel weder te werk te stellen.

Als het personeelslid in een vacante betrekking wordt weder te werk gesteld, bedraagt de puntenwaarde in dat geval 63 punten voor een voltijdse betrekking of 31,5 voor een halftijdse betrekking.

Meer informatie over de procedure tot re-integratie vindt u in de omzendbrief PERS/2009/09 van 18-08-2009 - Personeelslid voor 1 september 2014 ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking na een advies van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer in het kader van een procedure tot re-integratie ingeroepen door het personeelslid.

3. Binnen de vrije fase blijft vrijwillige wedertewerkstelling in een ambt van het ondersteunend personeel mogelijk.

5.3. Definitie van het begrip “betrekking niet vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling”

Als een schoolbestuur een betrekking toewijst aan een tijdelijk personeelslid, is het belangrijk om te weten of de betrekking al of niet nog vatbaar is voor reaffectatie of wedertewerkstelling. Is de betrekking van een tijdelijk personeelslid nog vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling dan is de verdere tewerkstelling van het tijdelijk personeelslid onzeker.

De betrekking kan dan immers toegewezen worden aan een vastbenoemd personeelslid dat ter beschikking is gesteld wegens ontstentenis van betrekking.

Om te bepalen of de betrekking ingenomen door een tijdelijk personeelslid al dan niet nog vatbaar is voor reaffectatie of wedertewerkstelling, moet worden nagegaan of het personeelslid aan volgende voorwaarde voldoet.

Een betrekking is op 1 september niet meer vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling, als het personeelslid dat deze betrekking bekleedt een dienstanciënniteit in hoofdambt heeft verworven van tenminste 580 dagen gespreid over tenminste twee schooljaren.

Voor de leden van het ondersteunend personeel moet deze dienstanciënniteit bereikt zijn:

  • Op 30 juni van het voorafgaande schooljaar voor de opvoeder en ICT-coördinator
  • op 31 augustus van het voorafgaande schooljaar voor de administratief medewerker.

6. Geldelijke en administratieve toestand

6.1. Bekwaamheidsbewijzen

6.1.1. Bij aanstelling

Volgende bekwaamheidsbewijzen gelden bij een aanstelling in een ambt van het ondersteunend personeel.

Voor het ambt van administratief medewerker en opvoeder

 

Rubriek 

 

Puntenwaarde 

Bekwaamheidsbewijs 

Salarisschaalcode 

 

Vereiste 

 

63 

Ten minste HSO 

202 (SO) 

122 (BuSO) 

 

Vereiste 

 

82 

Ten minste bachelor 

158 

 

Vereiste 

 

120 

Ten minste master 

542 

Voor het ambt van ICT-coördinator

 

Rubriek  

 

Puntenwaarde  

Bekwaamheidsbewijs  

Salarisschaalcode  

 

Vereiste 

 

63 

Ten minste HSO 

202 

 

Vereiste 

 

85 

Ten minste bachelor 

301 

 

Vereiste 

 

126 

Ten minste master 

501 

Een personeelslid kan, als hij daar mee instemt, onder zijn hoogste diplomaniveau worden aangesteld. Dit betekent wel dat het personeelslid dan ook zal worden bezoldigd op basis van een lagere salarisschaal.

U vindt de bekwaamheidsbewijzen en bijhorende salarisschalen voor voormelde ambten ook terug op:

http://data-onderwijs.vlaanderen.be/bekwaamheidsbewijzen/

De concordantie naar het ambt van ICT-coördinator op 1 september 2021 kan voor een personeelslid ook gepaard gaan met een overgangsmaatregel voor het bekwaamheidsbewijs en/of voor de salarisschaal. Meer informatie hierover vindt u in punt 5.1.2 van de omzendbrief “Bekwaamheidsbewijzen in het gewoon secundair onderwijs – PERS/2015/04 van 16-06-2015”.

6.1.2. Behalen van een bijkomend bekwaamheidsbewijs na de aanstelling

Als een personeelslid na de tijdelijke aanstelling of vaste benoeming in een betrekking van het ondersteunend personeelslid een bijkomend bekwaamheidsbewijs haalt, heeft dit in principe geen impact op de puntenwaarde van de betrekking.

De puntenwaarde van een vacante betrekking in het ambt van het ondersteunend personeel wordt in eerste instantie immers bepaald door de puntenwaarde die de school er bij de oprichting aan toekent.

Het schoolbestuur kan rekening houden met het bijkomende bekwaamheidsbewijs, maar is daartoe niet verplicht. Dit kan immers betekenen dat de puntenwaarde van de betrekking moet aangepast worden.

Hierna vindt u de principes die u kan hanteren als een personeelslid al een aanstelling heeft in een betrekking in het ambt van het ondersteunend personeel en daarna een bijkomend ‘hoger’ bekwaamheidsbewijs behaalt.

6.1.2.1. Tijdelijk personeelslid aangesteld voor bepaalde duur

Als een personeelslid dat tijdelijk is aangesteld voor bepaalde duur (TABD) een nieuw en ‘hoger’ bekwaamheidsbewijs behaalt, dan heeft dit op het ogenblik van een nieuwe tijdelijke aanstelling in een betrekking van het ondersteunend personeel - zelfs als het om een aanstelling in dezelfde betrekking gaat - geen impact. Het personeelslid kan immers aangesteld blijven onder zijn (nieuwe) hoogste diplomaniveau, voor zover hij daarmee instemt.

Het schoolbestuur kan ook rekening houden met het nieuwe hoogste diplomaniveau van het personeelslid door het personeelslid een nieuwe aanstelling te geven in een betrekking met een puntenwaarde die overeenstemt met het nieuwe diplomaniveau of door de puntenwaarde van de betrekking waarin het personeelslid is aangesteld te verhogen. Het personeelslid heeft dan recht op de salarisschaal verbonden aan zijn ‘nieuwe’ niveau van bekwaamheidsbewijs(zie punt 3).

Voorbeeld

Een personeelslid is aangesteld op basis van een diploma secundair onderwijs in een betrekking van administratief medewerker (ten minste HSO - 63 punten – ssc 202).

Dit personeelslid behaalt een diploma van bachelor op 30 juni.

Het personeelslid heeft gekandideerd voor een betrekking van administratief medewerker. Zijn kandidatuur geldt t.a.v. elke betrekking waarvoor het personeelslid een vereist bekwaamheidsbewijs heeft (zowel tenminste HSO als ten minste bachelor).

Situatie 1

Het volgende schooljaar biedt het schoolbestuur aan dit personeelslid een nieuwe aanstelling aanin dezelfde betrekking (tenminste HSO – 63 punten). Het personeelslid aanvaardt dit voorstel en wordt aangesteld op het niveau ten minste HSO en wordt bezoldigd aan salarisschaal 202.

Situatie2

Het schoolbestuur biedt aan het personeelslid een betrekking aan van 82 punten (tenminste bachelor – 82 punten). Het personeelslid aanvaardt dit voorstel en wordt aangesteld op het niveau ten minste bachelor en wordt bezoldigd aan salarisschaal 158.

6.1.2.2. Tijdelijk personeelslid aangesteld voor doorlopende duur

Op het ogenblik van de aanstelling voor doorlopende duur (TADD) moet het personeelslid aan een aantal decretaal bepaalde voorwaarden voldoen, waaronder eveneens in het bezit zijn van een vereist of voldoend geacht bekwaamheidsbewijs voor het ambt in kwestie. Zolang de TADD-aanstelling loopt, moet het personeelslid dus aan deze initiële voorwaarden voldoen. Het behalen van een bijkomend “hoger” bekwaamheidsbewijs heeft dan ook geen invloed op de lopende aanstelling.

Als de tijdelijke aanstelling van doorlopende duur echter eindigt en het personeelslid een nieuwe aanstelling krijgt - zelfs als dit in dezelfde betrekking is - moet hij terug voldoen aan de decretale bepalingen. Het nieuwe ‘hogere’ bekwaamheidsbewijs heeft geen impact op het recht op TADD, op voorwaarde dat het personeelslid aanvaardt om opnieuw te worden aangesteld onder zijn (nieuwe) hoogste diplomaniveau.

Door zijn nieuwe ‘hogere’ bekwaamheidsbewijs heeft het personeelslid echter ook recht op een TADD in een betrekking met een puntenwaarde die overeenstemt met het niveau van zijn nieuwe (hogere) bekwaamheidsbewijs.

Het personeelslid heeft dan recht op de salarisschaal verbonden aan zijn ‘nieuwe’ niveau van bekwaamheidsbewijs, maar ook de puntenwaarde voor de vacante betrekking moet dan aangepast zijn aan het niveau van dat nieuwe bekwaamheidsbewijs.

Op het ogenblik dat een TADD-personeelslid zich kandidaat stelt voor vaste benoeming in een betrekking van het ondersteunend personeel geldt het principe dat er een vaste benoeming mogelijk is in alle betrekkingen waarvoor het personeelslid een vereist bekwaamheidsbewijs heeft. Dit betekent dat het personeelslid kan worden vast benoemd op basis van zijn nieuwe ‘hogere’ bekwaamheidsbewijs, maar evenzeer kandidaat kan zijn voor een vaste benoeming onder het niveau van zijn (nieuwe) hoogste bekwaamheidsbewijs.

Voorbeeld

Een personeelslid is in het gewoon secundair onderwijs TADD aangesteld op basis van een diploma secundair onderwijs in een betrekking van opvoeder (ten minste HSO - 63 punten – ssc 202).

Dit personeelslid behaalt een diploma van bachelor op 30 juni.

Het recht op TADD geldt t.a.v. elke betrekking van opvoeder waarvoor het personeelslid een vereist bekwaamheidsbewijs heeft (zowel tenminste HSO als ten minste bachelor).

Situatie 1

Het volgende schooljaar houdt het schoolbestuur dit personeelslid in dienst als TADD in dezelfde betrekking (tenminste HSO – 63 punten). Het personeelslid aanvaardt dit wordt verder bezoldigd aan salarisschaal 202.

Situatie2

Het schoolbestuur biedt aan het personeelslid een betrekking aan van 82 punten (tenminste bachelor – 82 punten). Het personeelslid aanvaardt dit voorstel en wordt TADD aangesteld op het niveau ten minste bachelor en wordt bezoldigd aan salarisschaal 158.

6.1.2.3. Vast benoemd personeelslid

Op het ogenblik van vaste benoeming moet een personeelslid aan een aantal decretaal vastgelegde voorwaarden voldoen, waaronder beschikken over het vereiste of voldoend geachte bekwaamheidsbewijs voor het ambt in kwestie. Bij een vaste benoeming in een ambt van het ondersteunend personeel bepaalt de puntenwaarde van de betrekking het vereiste niveau van bekwaamheidsbewijs en ook de salarisschaal van de betrekking.

Op het ogenblik van de vaste benoeming wordt het personeelslid door het schoolbestuur vast benoemd in een ambt en geaffecteerd in een betrekking.

Een personeelslid kan in een ambt van het ondersteunend personeelslid worden vast benoemd onder zijn hoogste diplomaniveau.

Als het personeelslid na zijn vaste benoeming een bijkomend “hoger” bekwaamheidsbewijs behaalt, heeft dit geen effect op zijn initiële vaste benoeming. Op het ogenblik van de vaste benoeming voldeed het personeelslid immers aan alle decretale voorwaarden, en is hij dus rechtsgeldig benoemd.

Het nieuw behaalde ‘hogere’ bekwaamheidsbewijs kan een rol spelen op het ogenblik dat het personeelslid in aanmerking komt voor een bevordering in een ambt van het ondersteunend personeel (zie 6.8.3). Een bevordering houdt immers een nieuwe vaste benoeming in en op dat ogenblik kan het schoolbestuur rekening houden met het nieuwe ‘hogere’ bekwaamheidsbewijs. Het personeelslid wordt vanaf de ingangsdatum van de bevordering betaald aan de salarisschaal die overeenkomt met de puntenwaarde van de betrekking waarin de bevordering is uitgesproken, en moet dan ook in de globale puntenenveloppe of in de puntenenveloppe ICT aangerekend aan de bijhorende puntenwaarde (zie 3).

6.1.2.4. Personeelslid met een concordantie

6.1.2.4.1. In het ambt van opvoeder of administratief medewerker

Het personeelslid dat op 1 september 2001 (voor het buitengewoon secundair onderwijs was dit op 1 september 2006) een concordantie heeft gekregen, behoudt via deze concordantie de salarisschaal die hij geniet op 30 juni 2001 (of 30 juni 2006 voor het buitengewoon secundair onderwijs) en via die salarisschaal ook de daaraan verbonden puntenwaarde (zie ook punt 4.1.1.2).

Een tijdelijk personeelslid kan de concordantie vrijwillig beëindigen, zodat zijn bekwaamheidsbewijs de norm wordt om de salarisschaal en de puntenwaarde vast te stellen.

Bij een vast benoemd personeelslid eindigt de concordantie bij ontslag of via een bevordering in een ambt van het ondersteunend personeel. Dit houdt in dat het personeelslid, zelfs als hij gedurende zijn loopbaan een bijkomend bekwaamheidsbewijs behaalt, steeds op basis van de concordantie wordt “verrekend”, tenzij hij een bevordering krijgt van zijn schoolbestuur. Op dat ogenblik vervalt de concordantie en speelt het bekwaamheidsbewijs opnieuw ten volle zijn rol. Het personeelslid wordt vanaf de ingangsdatum van de bevordering betaald aan de salarisschaal die overeenkomt met de puntenwaarde van de betrekking waarin de bevordering is uitgesproken, en moet dan ook in de globale puntenenveloppe aangerekend worden aan de bijhorende puntenwaarde (zie ook 6.8.3).

6.1.2.4.2. In het ambt van ICT-coördinator

De personeelsleden die uiterlijk op 31 augustus 2021 in het gewoon secundair onderwijs aangesteld zijn in een betrekking in een ambt opgericht met ICT-punten krijgen onder bepaalde voorwaarden een ambtshalve concordantie naar het ambt van ICT-coördinator op 1 september 2021. Meer informatie over deze ambtshalve concordantie vindt u in punt 4.6 van de omzendbrief “Mededeling betreffende ICT-coördinatie – GD/2003/04 van 18-07-2003”.

De concordantie naar het ambt van ICT-coördinator op 1 september 2021 kan voor een personeelslid ook gepaard gaan met een overgangsmaatregel voor het bekwaamheidsbewijs en/of voor de salarisschaal. Zie punt 5.1.2 van de omzendbrief “Bekwaamheidsbewijzen in het gewoon secundair onderwijs – PERS/2015/04 van 16-06-2015”.

6.2. Bezoldigingsregeling

Er wordt een onderscheid gemaakt tussen het ambt van opvoeder en ICT-coördinator enerzijds en het ambt van administratief medewerker anderzijds.

De opvoeder en ICT-coördinator worden bezoldigd volgens de reglementering van toepassing op het opvoedend hulppersoneel.

De administratieve medewerker wordt bezoldigd volgens de reglementering van toepassing op het administratief personeel.

6.3. Prestatiestelsel

Een ambt met volledige prestaties in het ondersteunend personeel omvat 36 klokuren per week voor een voltijdse opdracht.

Het ambt van opvoeder en administratief medewerker moet steeds worden opgericht in een voltijdse betrekking of in een halftijdse betrekking. Een personeelslid heeft in deze ambten dus volgende prestatieregeling:

  • een voltijdse betrekking van opvoeder of administratief medewerker = 36/36;
  • een halftijdse betrekking van opvoeder of administratief medewerker = 18/36.

Voor het ambt van ICT-coördinator geldt eveneens een prestatieregeling van 36 klokuren voor een voltijdse opdracht op weekbasis (36/36).

Een deeltijdse betrekking kan worden toegekend en uitgeoefend vanaf minstens één klokuur (1/36) en altijd in gehele klokuren.

6.4. Vakantieregeling

Er wordt een onderscheid gemaakt tussen het ambt van opvoeder en ICT-coördinator enerzijds en het ambt van administratief medewerker anderzijds:

  • de opvoeder en ICT-coördinator genieten dezelfde vakantieregeling als het opvoedend hulppersoneel. Deze bepaling geldt voor scholen van het gemeenschapsonderwijs.

Voor scholen van het gesubsidieerd onderwijs wordt de vakantieregeling voor de opvoeder ende ICT-coördinator vastgelegd in een eigen regeling of in hun arbeidsreglement;

6.5. Verloven, afwezigheden, terbeschikkingstelling

Er wordt een onderscheid gemaakt tussen het ambt van opvoeder en ICT-coördinator enerzijds en het ambt van administratief medewerker anderzijds.

  • Op de opvoeder en ICT-coördinator is dezelfde reglementering van toepassing als op het opvoedend hulppersoneel.

  • Op de administratieve medewerker is dezelfde reglementering van toepassing als op het administratief personeel.

6.6. Gepresteerde diensten

6.6.1. Tijdelijke aanstelling

6.6.1.1. In scholen voor gewoon secundair onderwijs

De diensten die tijdelijke personeelsleden hebben gepresteerd in het voltijds gewoon secundair onderwijs in een ambt van het opvoedend hulppersoneel en/of het administratief personeel, komen in aanmerking voor de opbouw van het recht op een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur in een ambt van opvoeder of administratief medewerker in het ondersteunend personeel in het gewoon secundair onderwijs.

De personeelsleden die uiterlijk op 31 augustus 2021 in het gewoon secundair onderwijs aangesteld zijn in een betrekking in een ambt opgericht met ICT-punten krijgen onder bepaalde voorwaarden een ambtshalve concordantie naar het ambt van ICT-coördinator op 1 september 2021 . Meer informatie over deze ambtshalve concordantie vindt u in punt 4.6 van de omzendbrief “ Mededeling betreffende ICT-coördinatie – GD/2003/04 van 18-07-2003”.

De ze ambtshalve concordantie heeft o.m. tot gevolg dat de diensten die tijdelijke personeelsleden tot en met 31 augustus 2021 hebben gepresteerd in een onderliggende vak of ambt geacht worden te zijn gepresteerd in het ambt van ICT-coördinator in het gewoon secundair onderwijs.

6.6.1.2. In scholen voor buitengewoon secundair onderwijs

De diensten die tijdelijke personeelsleden hebben gepresteerd in het buitengewoon secundair onderwijs in een ambt van het opvoedend hulppersoneel en/of het administratief personeel, komen in aanmerking voor de opbouw van het recht op een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur in een ambt van opvoeder of administratief medewerker in het ondersteunend personeel in het buitengewoon secundair onderwijs.

Een schoolbestuur kan de diensten die een personeelslid heeft gepresteerd in een wervingsambt in het buitengewoon basisonderwijs en in het buitengewoon secundair onderwijs in aanmerking nemen als gepresteerd in een wervingsambt in het gewoon secundair onderwijs, dus ook in een wervingsambt van het ondersteunend personeel. Dit is vanaf 1 september 2021 weliswaar beperkt tot maximum 290 dagen en als het gaat om de dienstanciënniteit die een tijdelijk personeelslid nodig heeft voor het verwerven van het recht op TADD, is dit beperkt tot 200 dagen dienstanciënniteit. Meer informatie over deze maatregel vindt u in de omzendbrief “De tijdelijke aanstelling van bepaalde duur en van doorlopende duur in een wervingsambt - PERS/2019/03 van 24-09-2019 (punt 5.2.1.1.1.1)”.

De personeelsleden die uiterlijk op 31 augustus 2021 in het buitengewoon secundair onderwijs aangesteld zijn in een betrekking in een ambt opgericht met ICT-punten krijgen onder bepaalde voorwaarden een ambtshalve concordantie naar het ambt van ICT-coördinator op 1 september 2021 . Meer informatie over deze ambtshalve concordantie vindt u in punt 4.6 van de omzendbrief “ Mededeling betreffende ICT-coördinatie – GD/2003/04 van 18-07-2003”.

De ze ambtshalve concordantie heeft o.m. tot gevolg dat de diensten die tijdelijke personeelsleden tot en met 31 augustus 2021 in het buitengewoon secundair onderwijs hebben gepresteerd in een onderliggende vak of ambt geacht worden te zijn gepresteerd in het ambt van ICT-coördinator in het buitengewoon secundair onderwijs.

6.7. Tijdelijke aanstelling van doorlopende duur

Een personeelslid kan onder zijn hoogste diplomaniveau worden aangesteld.

Dit betekent dat alle diensten die een personeelslid presteert of heeft gepresteerd in een ambt van het ondersteunend personeel in aanmerking komen voor een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur in dat ambt, voor zover het personeelslid voor de betrekking waarvoor hij kandideert een vereist bekwaamheidsbewijs heeft.

Voorbeeld

Een personeelslid met een masterdiploma is gedurende drie schooljaren als vervanger aangesteld in een betrekking van opvoeder van 82 punten (ten minste bachelor – ssc 158).

Op 30 juni heeft dit personeelslid voldoende diensten opgebouwd om vanaf 1 september daaropvolgend het recht op TADD in te roepen voor het ambt van opvoeder.

Het personeelslid kan dit recht inroepen t.a.v. elke betrekking waarvoor hij een vereist bekwaamheidsbewijs bezit.

Dit betekent dat hij in aanmerking komt voor een TADD in een betrekking van opvoeder met 120 punten (ten minste master – ssc 542).

Daarnaast komt hij evenzeer in aanmerking voor TADD in een betrekking van opvoeder van 82 punten (ten minste bachelor – ssc 158) of van 63 punten (ten minste HSO – ssc 202).

Als hij een echter betrekking aanvaardt in een lager diplomaniveau, stemt hij er ook mee in om aan de (lagere) salarisschaal te worden bezoldigd die aan de puntenwaarde van de betrekking is gekoppeld.

Een schoolbestuur kan de diensten die een personeelslid heeft gepresteerd in een wervingsambt in het buitengewoon basisonderwijs en in het buitengewoon secundair onderwijs in aanmerking nemen als gepresteerd in een wervingsambt in het gewoon secundair onderwijs, dus ook in een wervingsambt van het ondersteunend personeel. Dit is vanaf 1 september 2021 weliswaar beperkt tot maximum 290 dagen en als het gaat om de dienstanciënniteit die een tijdelijk personeelslid nodig heeft met het oog op het verwerven van het recht op TADD beperkt tot 200 dagen dienstanciënniteit. Meer informatie over deze maatregel vindt u in de omzendbrief “De tijdelijke aanstelling van bepaalde duur en van doorlopende duur in een wervingsambt - PERS/2019/03 van 24-09-2019(punt 5.2.1.1.1.1)”.

6.8. Vaste benoeming

6.8.1. Procedure

De personeelscategorie van het ondersteunend personeel bestaat enkel uit wervingsambten.

Vaste benoeming in een ambt van het ondersteunend personeel gebeurt dan ook volgens de bestaande benoemingsprocedure voor de wervingsambten.

6.8.2. Voorwaarden

De ambten van het ondersteunend personeel zijn wervingsambten.

Dit betekent dat de algemene voorwaarden die gelden voor wervingsambten, zowel wat betreft de betrekking als wat betreft het personeelslid, ook hier van toepassing zijn.

U vindt deze voorwaarden in de omzendbrief 13CC/VB/ml van 29-11-1999 - Vaste benoeming - Procedure, voorwaarden en mededeling aan het Ministerie van Onderwijs en Vorming.

Een personeelslid kan ook onder zijn hoogste diplomaniveau kan worden aangesteld.

Dit betekent dat een personeelslid zich kandidaat kan stellen voor elke betrekking in het ambt van het ondersteunend personeel waarvoor hij het recht op TADD heeft vergaard en het vereiste bekwaamheidsbewijs heeft.

Voorbeeld

Een personeelslid is in het gewoon secundair onderwijs op de vooravond van de vaste benoeming TADD aangesteld in het ambt van administratief medewerker in een betrekking van 63 punten (ten minste HSO – ssc 202).

Het personeelslid is in het bezit van een bachelorsdiploma.

Met het oog op een vaste benoeming kan het personeelslid kandideren voor een vacant verklaarde betrekking van administratief medewerker van 82 punten (ten minste bachelor – ssc 158). Het personeelslid heeft immers het vereiste bekwaamheidsbewijs voor deze betrekking en is op de vooravond van de vaste benoeming TADD aangesteld in het ambt van benoeming.

Het personeelslid kan evenzeer kandideren voor een vacant verklaarde betrekking van administratief medewerker van 63 punten (ten minste HSO – ssc 202). Het personeelslid heeft immers ook het vereiste bekwaamheidsbewijs voor deze betrekking en is op de vooravond van de vaste benoeming TADD aangesteld in het ambt van benoeming. Het personeelslid aanvaardt via deze benoeming wel het feit dat hij zal worden bezoldigd op basis van de salarisschaal 202 die aan de betrekking van 63 punten is gekoppeld.

6.8.3. Bevordering tot salarisschaal 106 voor administratief medewerker of opvoeder

Het schoolbestuur kan aan een personeelslid dat vast benoemd is in een ambt van administratief medewerker of opvoeder de hogere salarisschaal 106 toekennen. Deze bevordering geldt dus niet voor een personeelslid dat vast benoemd is in het ambt van ICT-coördinator.

Deze bevordering is wel onderhevig aan een beperking. Zij is namelijk afhankelijk van het aantal leerlingen dat de school telt op 1 februari van het voorafgaande schooljaar.

  • in een school met minder dan 400 leerlingen kan het schoolbestuur aan één voltijdse betrekking de salarisschaal 106 toekennen;

  • vanaf 400 tot en met 900 leerlingen kan zij aan twee voltijdse betrekkingen deze hogere salarisschaal toekennen;

  • bij meer dan 900 leerlingen kan zij aan drie voltijdse betrekkingen deze hogere salarisschaal toekennen.

Deze leerlingenaantallen moeten dus worden gehaald op 1 februari van het schooljaar voorafgaand aan de bevordering van het personeelslid tot de hogere salarisschaal 106.

Als de school het schooljaar na de bevordering het vereiste leerlingenaantal niet meer haalt, blijft het personeelslid toch in dienst voor zover de school over voldoende punten beschikt om haar personeelsleden in dienst te houden. Het is niet de bedoeling dat bij een daling van leerlingen onder één van voormelde vereiste aantallen een personeelslid dat werd bevorderd tot de salarisschaal 106 ter beschikking wordt gesteld wegens ontstentenis van betrekking.

Voorbeeld

Een school heeft op 1 september 911 leerlingen.

Zij heeft al twee personeelsleden in dienst die ieder voor een voltijdse opdracht zijn aangesteld met salarisschaal 106.

De school heeft van de scholengemeenschap voldoende punten gekregen om alle personeelsleden in dienst te houden en heeft daarnaast nog voldoende punten over om een personeelslid te bevorderen tot ssc 106. De school beslist aan een derde personeelslid de salarisschaal 106 toe te kennen voor een voltijdse opdracht.

De school heeft dan drie personeelsleden in dienst met ssc 106.

Op 1 september van het daaropvolgende schooljaar heeft de school nog 897 leerlingen.

De school mag haar drie personeelsleden met salarisschaal 106 in dienst houden als zij hiervoor voldoende punten heeft gekregen van de scholengemeenschap.

Het schoolbestuur moet er wel rekening mee houden dat dergelijke bevordering ook kan inhouden dat dit personeelslid meer punten zal kosten.

Een personeelslid met bijvoorbeeld een diploma ten minste HSO (ssc 202 en 63 punten) dat voor een voltijdse opdracht een bevordering tot salarisschaal 106 krijgt, kost dan 82 punten.

Deze maatregel kan ook enkel toegepast worden met inachtname van het bestaande personeelsbestand. Personeelsleden die al de salarisschaal 106 genieten, tellen mee om te bepalen of deze bevordering mag worden toegekend aan een personeelslid.

Voorbeeld

Een school met 733 leerlingen heeft volgende personeelsleden in dienst:

- 2 opvoeders met salarisschaal 106 voor een voltijdse opdracht

- 4 opvoeders (met een andere salarisschaal)

- 1 administratief medewerker (met een andere salarisschaal)

Het schoolbestuur kan de salarisschaal 106 toekennen aan 2 voltijdse betrekkingen vermits de school tussen 400 en 900 leerlingen telt. Er zijn echter al 2 personeelsleden voor een voltijdse opdracht met deze salarisschaal in dienst, zodat voor een volgende bevordering moet worden gewacht tot één of beide van deze personeelsleden uit dienst treedt.

Aan deze “bevordering” hoeft geen vacantverklaring vooraf te gaan. Zij kan ingaan op de eerste dag van elke maand.

De nieuwe vaste benoeming van een personeelslid van het ondersteunend personeel in het kader van een bevordering tot een hogere salarisschaal in hetzelfde ambt, moet worden meegedeeld binnen een termijn van twaalf maanden na de ingangsdatum van deze bevordering.

Voor meer praktische informatie met betrekking tot deze zendingen kan u steeds terecht bij de medewerkers van werkstation 32 (zie ook punt 9).

Deze bevorderingsmogelijkheid geldt niet voor een personeelslid dat aangesteld is in een betrekking in een ambt van het ondersteunend personeel in een scholengemeenschapsinstelling van een scholengemeenschap .
Meer informatie over de scholengemeenschapsinstelling vindt u in  punt 5  van de omzendbrief “Scholengemeenschappen secundair onderwijs ” (SO 62 van 30-04-1999 ) .

6.8.4. Bevordering tot een hogere salarisschaal

6.8.4.1. Bevordering tot een hogere salarisschaal rekening houdend met het diplomaniveau van het personeelslid

Een personeel kan in het bezit zijn van een diploma dat hem organiek recht kan geven op een hogere salarisschaal in een ambt van het ondersteunend personeel dan de salarisschaal die verbonden is aan de puntenwaarde van de betrekking waar hij nu in vast benoemd is.

Het schoolbestuur kan dergelijk personeelslid bevorderen tot een hogere salarisschaal door het personeelslid te herbenoemen in hetzelfde ambt met een hogere salarisschaal, gebaseerd op het (hogere of hoogste) diplomaniveau van het personeelslid.

Deze bevordering heeft ook gevolgen voor de puntenwaarde van de betrekking waarvan het personeelslid vastbenoemd titularis is. De betrekking moet dan immers de puntenwaarde krijgen die verbonden is aan de hogere salarisschaal.

Aan deze “bevordering” hoeft geen vacantverklaring vooraf te gaan. Zij kan ingaan op de eerste dag van elke maand.

De nieuwe vaste benoeming van een personeelslid van het ondersteunend personeel in het kader van een bevordering tot een hogere salarisschaal in hetzelfde ambt, moet worden meegedeeld binnen een termijn van twaalf maanden na de ingangsdatum van deze bevordering.

Voor meer praktische informatie met betrekkingen tot de zending van deze bevordering kunt u steeds terecht bij de medewerkers van werkstation 32 (zie ook punt 9).

6.8.4.2. Bevordering tot een hogere salarisschaal rekening houdend met het diplomaniveau van het personeelslid dat werd geconcordeerd naar administratief medewerker of opvoeder

Bij de concordantie naar de nieuwe ambten van het ondersteunend personeel (administratief medewerker of opvoeder) behoudt een vastbenoemd personeelslid in eerste instantie de salarisschaal die hij genoot op 30 juni 2001 in het gewoon secundair onderwijs of op 30 juni 2006 in het buitengewoon secundair onderwijs.

Het kan echter zijn dat dit personeelslid in het bezit is van een diploma dat hem recht kan geven op een hogere salarisschaal in een ambt van het ondersteunend personeel.

Het schoolbestuur kan dergelijk personeelslid bevorderen tot een hogere salarisschaal door het personeelslid te herbenoemen in hetzelfde ambt met een hogere salarisschaal, gebaseerd op het diplomaniveau van het personeelslid.

Deze bevordering heeft ook gevolgen voor de puntenwaarde van de betrekking waarvan het personeelslid vastbenoemd titularis is. De betrekking moet dan immers de puntenwaarde krijgen die verbonden is aan de hogere salarisschaal.

Aan deze “bevordering” hoeft geen vacantverklaring vooraf te gaan. Zij kan ingaan op de eerste dag van elke maand.

De nieuwe vaste benoeming van een personeelslid van het ondersteunend personeel in het kader van een bevordering tot een hogere salarisschaal in hetzelfde ambt, moet worden meegedeeld binnen een termijn van twaalf maanden na de ingangsdatum van deze bevordering.

Voor meer praktische informatie met betrekkingen tot de zending van deze bevordering kunt u steeds terecht bij de medewerkers van werkstation 32 (zie ook punt 9).

7. Inzetbaarheid van een personeelslid in een scholengemeenschap

7.1. Algemene principes van inzetbaarheid in de scholengemeenschap

Een personeelslid wordt op het ogenblik van zijn aanwerving aangesteld bij of geaffecteerd aan de school waar zijn betrekking is ingericht.

Dit betekent dat het personeelslid in principe alleen taken en opdrachten uitoefent in en voor die school.

Voor scholen die behoren tot een scholengemeenschap kan de inzetbaarheid van de personeelsleden die behoren tot het ondersteunend personeel onder bepaalde voorwaarden ruimer worden ingevuld.

Als de school tot een scholengemeenschap behoort, kan een personeelslid dat aangesteld is als administratief medewerker, als opvoeder of als ICT-coördinator ook ingezet worden voor en in andere scholen van die scholengemeenschap of voor de totaliteit van de scholengemeenschap.

Als het personeelslid wordt ingezet om opdrachten te vervullen in andere scholen dan de school van aanstelling of affectatie, moet u met volgende principes rekening houden:

  • het personeelslid moet uitdrukkelijk akkoord gaan met het feit dat hij wordt ingezet om opdrachten in een andere school te vervullen;
  • het personeelslid blijft aangesteld bij of geaffecteerd aan de school waar zijn betrekking wordt ingericht;
  • de afstand tussen de school van aanstelling of affectatie en de school waar het personeelslid die opdracht gaat vervullen, mag niet meer dan 25 km bedragen. Deze afstand mag groter zijn, maar dan moet het personeelslid daarmee uitdrukkelijk akkoord gaan;
  • de inzetbaarheid van het personeelslid moet schriftelijk worden vastgelegd. U neemt dit op in de functiebeschrijving van het personeelslid en in de documenten die vereist zijn bij de aanstelling van het personeelslid (al naargelang het net is dit het geschrift of besluit van aanstelling of de arbeidsovereenkomst). Als de inzetbaarheid niet uitdrukkelijk schriftelijk is vastgelegd, betekent dit dat het personeelslid alleen kan worden ingezet in de school van aanstelling of affectatie.

7.2. Inzetbaarheid in de scholengemeenschap bij een aanstelling in een betrekking met punten van de voorafname van de globale puntenenveloppe

Het personeelslid dat ter ondersteuning van de scholengemeenschap wordt aangeworven in een functie of betrekking die wordt ingericht met punten van de voorafname van de globale puntenenveloppe, wordt aangesteld bij of geaffecteerd aan de school in de scholengemeenschap waar de betrekking effectief wordt ingericht of wordt a angesteld bij of geaffecteerd aan de scholengemeenschapsinstelling als de scholengemeenschap dergelijke instelling heeft opgericht.

Het personeelslid kan worden ingezet voor het vervullen van opdrachten voor de scholengemeenschap zelf of voor opdrachten voor en in andere scholen van de scholengemeenschap.

Als het personeelslid wordt ingezet om opdrachten te vervullen in andere scholen dan de school of scholengemeenschapsinstelling van aanstelling of affectatie, moet u met volgende principes rekening houden:

  • de afstand tussen de school of scholengemeenschapsinstelling van aanstelling of affectatie en de school waar het personeelslid die opdracht gaat vervullen, mag niet meer dan 25 km bedragen. Deze afstand mag groter zijn, maar dan moet het personeelslid daarmee uitdrukkelijk akkoord gaan;
  • de inzetbaarheid van het personeelslid moet schriftelijk worden vastgelegd. U neemt dit op in de functiebeschrijving van het personeelslid en in de documenten die vereist zijn bij de aanstelling van het personeelslid (al naargelang het net is dit het geschrift of besluit van aanstelling of de arbeidsovereenkomst). Als de inzetbaarheid niet uitdrukkelijk schriftelijk is vastgelegd, betekent dit dat het personeelslid alleen kan worden ingezet in de school van aanstelling of affectatie.

8. Centra voor deeltijds beroepssecundair onderwijs

Elk centrum voor deeltijds beroepssecundair onderwijs kan één of meer betrekkingen inrichten van opvoeder of administratief medewerker.

Dit gebeurt via aanwending van uren uit het pakket uren-leraar. Voor een voltijdse betrekking in het ambt van opvoeder of administratief medewerker moet een centrum 24 uren-leraar uit haar pakket aanwenden en voor een halftijdse betrekking 12 uren-leraar.

9. Praktische schikkingen

9.1. Opdrachten

De zendingen van de opdrachten van de opvoeders en administratief medewerkers (behalve die met salarisschaal 106) en van de ICT-coördinator hebben, naargelang de puntenwaarde, één van de volgende omschrijvingen:

 

Ambt en puntenwaarde 

 

 

Ambtscode 

 

 

Administratief medewerker 63 punten 

 

Ambtscode 310 

 

Administratief medewerker 82 punten 

 

Ambtscode 309 

 

Administratief medewerker 120 punten 

 

Ambtscode 308 

 

 

Opvoeder 63 punten 

 

Ambtscode 307 

 

Opvoeder 82 punten 

 

Ambtscode 306 

 

Opvoeder 120 punten 

 

Ambtscode 305 

 

 

 

ICT-coördinator ten minste HSO  - 63 punten 

 

 

Ambtscode 253 

 

ICT- coördinator ten minste bachelor – 85 punten 

 

 

Ambtscode 255 

 

ICT- coördinator ten minste master - 126 punten 

 

Ambtscode 257 

 

De omschrijvingen zijn geldig zowel voor de titularis als voor de eventuele vervanger. Indien de titularis afwezig is, gebeurt de zending van de titularis en zijn vervanger in hetzelfde ambt, maar eventueel met een andere puntenwaarde (andere ambtscode).

Als bijlage bij deze omzendbrief (bijlage 2) vindt u de tabel met de nieuwe ambtscodes naast elke salarisschaal en puntenwaarde voor zowel het ambt van administratief medewerker als voor het ambt van opvoeder en het ambt van ICT-coördinator.

9.2. Mededeling van de nieuwe bevordering/opdracht tot salarisschaal 106

U deelt de nieuwe vaste benoeming via de bevordering tot de salarisschaal 106 mee via elektronische weg.

Voor het personeelslid dat wordt bevorderd tot de salarisschaal 106, moet u een nieuwe RL-1 insturen en voor het ambt gebruik maken van een aparte ambtscode.

Als het gaat om een opvoeder die wordt bevorderd tot de salarisschaal 106, zendt u een RL- 1 met de ambtscode 291.

Als het gaat om een administratief medewerker die wordt bevorderd tot de salarisschaal 106, zendt u een RL- 1 met de ambtscode 292.

Wanneer de titularis met salarisschaal 106 afwezig is en wordt vervangen door een vast benoemd personeelslid via het “verlof tijdelijk opdracht (verlof TAO)”, mag u de “tijdelijk andere opdracht (TAO)” van de vervanger doorsturen met dezelfde ambtscode van de titularis (opvoeder ambtscode 291, administratief medewerker ambtscode 292).

9.3. Mededeling van de andere bevorderingen

U deelt de nieuwe vaste benoeming via de bevordering mee via elektronische weg.

U stuurt een nieuwe RL-1 voor hetzelfde ambt en maakt gebruik van de ambtscode die overeenstemt met hetzelfde ambt en de puntenwaarde van de nieuwe salarisschaal.

Als u vragen hebt met betrekking tot het ondersteunend personeel, kan u zich steeds tot dit werkstation wenden. U kunt uw vragen stellen op volgend adres:

Agentschap voor Onderwijsdiensten

Afdeling Personeel Secundair Onderwijs en

Deeltijds Kunstonderwijs

Werkstation 32

Koning Albert II-laan 15

1210 Brussel

Voor verdere inlichtingen kan u terecht op volgende telefoonnummers:

02/553 92 90

02/553 92 50

emailadres:

personeel.secundaironderwijs.agodi@vlaanderen.be

10. Bijlage