Overzicht toelagen voor scholen basisonderwijs

  • referentie
    BaO/2002/04
  • publicatiedatum
    26/02/2002
  • datum laatste wijziging
    20/10/2020
  • opheffing
    Omzendbrief van 17/12/1998 met referentie BaO/98/10
  • contactpersoon
  • contactpersoon
    of bij de contactpersoon in de desbetreffende thematische omzendbrief,
  • Deze omzendbrief geeft een overzicht van de verschillende recurrente toelagen die door AGODI worden uitbetaald aan het gewoon en/of buitengewoon gefinancierd en/of gesubsidieerd basisonderwijs. Hierbij is er steeds een verwijzing naar de wetgeving of omzendbrief voor meer gedetailleerde informatie. Eénmalige toelagen worden in deze omzendbrief niet opgenomen.
  • Voor het gefinancierd basisonderwijs vormen het werkingsbudget, de toelage voor kinderen van ouders zonder vaste verblijfplaats en de toelage voor het ondersteuningsmodel een onderdeel van de werkingsmiddelen van de scholengroepen van het gemeenschapsonderwijs. Het bedrag per scholengroep wordt bepaald door het Gemeenschapsonderwijs, op basis van criteria die door de Raad zijn bepaald. Deze werkingsmiddelen worden gestort in twee gelijke schijven.

1. Het werkingsbudget

1.1. Reglementaire basis

  • Decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, artikel 76 t.e.m. 87bis en 154;
  • Besluit van de Vlaamse Regering van 06 februari 2009 houdende de werkingsbudgetten in het basisonderwijs en de werkingsbudgetten in het secundair onderwijs;
  • Omzendbrief BaO/98/5 ‘Het werkingsbudget in het basisonderwijs’ van 27 juli 1998.

1.2. Omschrijving

  • Ieder jaar ontvangen de schoolbesturen een werkingsbudget dat ze moeten aanwenden voor de werking, uitrusting, het groot onderhoud van hun scholen, voor het werken aan rationeel energieverbruik in hun scholen en voor de kosteloze verstrekking van leerboeken en schoolbehoeften van de leerlingen.
  • Het bedrag per school is afhankelijk van :
    • de objectieve verschillen (neutraliteit en verplicht aanbieden meerdere levensbeschouwelijke vakken);
    • de leerlingenkenmerken (opleidingsniveau van de moeder, ontvangen van een schooltoelage, thuistaal van de leerling en woonplaats van de leerling). Deze gelden enkel in het gewoon basisonderwijs;
    • de schoolkenmerken (aantal leerlingen op de teldag).

1.3. Uitbetaling

  • Dit werkingsbudget wordt elk schooljaar uitbetaald in twee schijven: een voorschot van 50% in januari en een saldo van 50% in juni van het betreffende schooljaar.

2. De toelage voor het ondersteuningsmodel

2.1. Reglementaire basis

2.2. Omschrijving

  • De toekenning van integratietoelagen op basis van GON-leerlingen gebeurde voor de laatste keer eind 2017 voor het schooljaar 2016-2017.
  • Voor de schooljaren 2017-2018 en 2018-2019 werd een nieuw mechanisme van toepassing dat gekoppeld is aan de omkadering die in het kader van het ondersteuningsmodel aan scholen voor buitengewoon basisonderwijs wordt toegekend onder de vorm van omkaderingseenheden (begeleidingseenheden, lestijden/lesuren en uren). Per omkaderingseenheid ontvangt een school 161,267 euro (geïndexeerd). Dit mechanisme is nog steeds van toepassing voor de bepaling van de werkingsmiddelen voor de ondersteuningsnetwerken en voor de leerlingen met een gemotiveerd verslag type 2, 4, 6 of 7 en leerlingen met een inschrijvingsverslag type 4, 6 of 7.
  • Met het nieuwe omkaderingsmechanisme voor ondersteuning van leerlingen type 2, 4, 6 en 7 in het gewoon onderwijs, dat vanaf 1 september 2019 in werking is getreden, werd eveneens het mechanisme voor toekenning van werkingsmiddelen voor types 2, 4, 6 en 7 met een verslag of een inschrijvingsverslag type 2 gewijzigd. Er wordt per leerling, per type en per onderwijsniveau een bedrag aan werkingsmiddelen toegekend dat gelijk is aan het verschil tussen de werkingsmiddelen in buitengewoon onderwijs voor een leerling van hetzelfde type en onderwijsniveau en de gemiddelde kost aan werkingsmiddelen van een leerling gewoon onderwijs.

2.3. Uitbetaling

  • Deze toelage wordt elk jaar uitbetaald in één schijf, ten laatste in december volgend op het betreffende schooljaar.

3. De toelage voor nascholing

3.1. Reglementaire basis

3.2. Omschrijving

  • Elke school stelt jaarlijks een professionaliseringsplan op. De kwaliteitsverwachtingen van het professionaliseringsplan zijn terug te vinden in het referentiekader onderwijskwaliteit. De Vlaamse gemeenschap stelt jaarlijks middelen ter beschikking van de scholen om dit plan uit te voeren.
  • Voor het basisonderwijs (gewoon en buitengewoon samen) bedraagt het totaal budget 4.007.000 euro. Het aandeel in de middelen waarop elke school recht heeft, wordt pro rata berekend op basis van het aantal organieke betrekkingen in de school op 1 februari van het voorafgaande begrotingsjaar.

3.3. Uitbetaling

  • Deze toelagewordt elk schooljaar uitbetaald in twee schijven: een voorschot van 60% in februari en een saldo van 40% in juni van het betreffende schooljaar.

4. De toelage voor anderstalige nieuwkomers

4.1. Reglementaire basis

4.2. Omschrijving.

  • Scholen die op basis van het besluit van 17 juni 1997 betreffende de personeelsformatie in het gewoon basisonderwijs, aanspraak kunnen maken op aanvullende lestijden voor anderstalige nieuwkomers krijgen per anderstalige nieuwkomer een toelage.
  • Deze toelage bedraagt 12,50 euro per anderstalige nieuwkomer per volledige kalendermaand in de periode waarin de school onthaalonderwijs inricht voor de betrokken anderstalige nieuwkomer.

4.3. Uitbetaling

  • Deze toelage wordt elk schooljaar uitbetaald in één schijf, in juni van het betreffende schooljaar.

5. De toelage voor ICT-coördinatie.

5.1. Reglementaire basis.

5.2. Omschrijving

  • De Vlaamse regering kent jaarlijks binnen het daartoe voorziene begrotingskrediet middelen toe voor ICT-coördinatie in het onderwijs.
  • De middelen worden berekend door per school, het aantal regelmatige leerlingen op de gebruikelijke teldatum te vermenigvuldigen met een coëfficiënt en een wegingsfactor, bepaald door de Vlaamse Regering.
  • Voor het basisonderwijs is de wegingsfactor 1,25. De coëfficiënt bedraagt 0,7163 euro.
  • Elke school voor basisonderwijs heeft recht op middelen voor ICT op voorwaarde dat deze school toetreedt tot een samenwerkingsplatform of tot een scholengemeenschap.
  • De werkingsmiddelen kunnen enkel gebruikt worden voor logistieke en materiële ondersteuning van de ICT-coördinator.

5.3. Uitbetaling

  • Deze toelage wordt elk schooljaar uitbetaald in één schijf, in april van het betreffende schooljaar.

6. De toelage voor de vervoerskosten onderwijs aan huis.

6.1. Reglementaire basis.

6.2. Omschrijving

  • De leerkrachten die onderwijs aan huis verstrekken hebben recht op de terugbetaling van de reiskosten.
  • De werkelijke afstand die de leerkracht aflegt om onderwijs aan huis te geven, wordt vergoed.
  • Volgende terugbetalingen zijn mogelijk:
    • Terugbetaling kosten openbaar vervoer;
    • Vergoeding per kilometer voor verplaatsingen met de auto;
    • Fietsvergoeding per kilometer.
  • De terugvordering van alle reiskosten heeft altijd betrekking op een kalenderjaar en moet worden ingediend vóór 28 februari volgend op het kalenderjaar waarop de schuldvordering betrekking heeft.
  • De terugvordering gebeurt via het terugvorderingsformulier.

6.3. Uitbetaling

  • Deze vergoeding wordt elk kalenderjaar uitbetaald in één schijf, ten laatste in december volgend op het betreffende kalenderjaar.

7. De toelage voor kinderen van ouders zonder vaste verblijfplaats

7.1. Reglementaire basis

7.2. Omschrijving

  • De gemeenschapsbijdrage is een bijdrage in het kostgeld van leerplichtige leerlingen van wie de ouders geen vaste verblijfplaats hebben (kinderen van schippers en van foorreizigers).
  • De inrichtende machten van de erkende tehuizen en andere internaten dienen dit in mindering te brengen van het kostgeld van de in aanmerking komende leerling.
  • Om recht te hebben op deze toelage moeten de ouders een aanvraag bezorgen aan het internaat, die het op zijn beurt ter beschikking van de verificateur bijhoudt. De schoolbesturen/inrichtende machten van de erkende tehuizen en van de andere internaten waar deze kinderen verblijven, moeten een lijst indienen van de leerplichtige leerlingen van wie de ouders geen vaste verblijfplaats hebben en die op 1 februari van het lopende schooljaar in het internaat verblijven.

7.3. Uitbetaling

  • Deze toelage wordt elk schooljaar uitbetaald in één schijf, in juni van het betreffende schooljaar.